GroenLinks-PvdA wil het gebruik van uitzendkrachten sterk beperken tot alleen onvoorspelbaar of tijdelijk werk, en pleit voor meer vaste dienstverbanden. Ze willen strengere regels voor uitzendbureaus, een vergunningplicht, en harde aanpak van misstanden en uitbuiting, met als doel uitzendwerk minder aantrekkelijk te maken voor structurele functies. De partij wil uitzendkrachten beter beschermen en het verdienmodel van flexibele, laagbetaalde arbeid doorbreken.
GroenLinks-PvdA vindt dat uitzendkrachten alleen ingezet mogen worden voor tijdelijk of moeilijk te voorspellen werk, en niet voor structurele functies. Dit moet de flexibilisering van de arbeidsmarkt tegengaan en vaste banen stimuleren.
“Uitzendkracht: tijdelijk werk dat niet of moeilijk te voorspellen is of werk dat ontstaat bij uitval door ziekte kan een werkgever invullen met uitzendkrachten.”
“verplichten we 85% van de mensen in vaste dienst te nemen, hanteren we strengere eisen rondom nachtwerk en schaffen we de economische prikkels voor werkgevers af, zoals de ETK-regeling.”
De partij wil een vergunningsplicht voor uitzendbureaus en streng optreden tegen malafide praktijken. Uitzendbureaus die uitbuiten of illegale arbeidsomstandigheden faciliteren, verliezen hun vergunning. Dit moet misstanden en uitbuiting van uitzendkrachten tegengaan.
“Er komt zo snel mogelijk een vergunningsplicht voor uitzendbureaus. Uitzendbureaus die arbeidsmigranten uitbuiten of uitzendkrachten inzetten onder illegale arbeidsomstandigheden verliezen hun vergunning.”
“Vergunningen voor uitzendbureaus die discrimineren worden ingetrokken. Daarnaast hebben zij een meldingsplicht bij verzoeken die zij ontvangen om te discrimineren.”
GroenLinks-PvdA wil een einde maken aan het structureel inzetten van uitzendkrachten voor vast werk en aan draaideurconstructies waarbij werknemers langdurig in onzekerheid blijven. Dit moet leiden tot meer baanzekerheid en minder flexibele, onzekere contracten.
“We maken daarnaast een einde aan de praktijk waarbij werkgevers en uitzendbureaus werknemers voor vast werk onzekere contracten bieden.”
“Arbeidsmigranten werken vaak op basis van een uitzendcontract, terwijl ze structureel werk doen. Om betere arbeidsomstandigheden te creëren en de vraag naar arbeidsmigranten te ontmoedigen, verhogen we het wettelijk minimumloon en beperken we de flexibiliteit van uitzendcontracten.”
De partij wil in sectoren waar veel misstanden zijn, zoals de vleessector, het uitzendwerk verbieden en arbeidsmigranten rechtstreeks in dienst laten nemen. Dit moet uitbuiting en slechte arbeidsomstandigheden tegengaan.
“We willen dat arbeidsmigranten in de sectoren met veel misstanden rechtstreeks in dienst genomen worden, zonder tussenkomst van een uitzendbureau.”
“Er komt een uitzendverbod in de vleessector.”
GroenLinks-PvdA wil het doorlenen en uitzenden van arbeidsmigranten van buiten de EU (derdelanders) via schimmige routes verbieden, om misbruik en uitbuiting te voorkomen.
“Maak een einde aan de doordetachering en het uitzenden van derdelanders. ... We willen deze route inperken door deze detachering onder een bepaalde inkomensgrens of met een uitzendcontract te verbieden.”
Werkgevers die uitzendkrachten (vooral arbeidsmigranten) inzetten, moeten verplicht meebetalen aan huisvesting en onderwijs, om sociale problemen en uitbuiting te voorkomen.
“Daarom gaan werkgevers verplicht meebetalen aan huisvesting en onderwijs, zoals taalles, ook voor meekomende gezinsmigranten.”
De SGP wil het aantal uitzendkrachten en arbeidsmigranten beperken en uitbuiting tegengaan, met meer nadruk op vaste contracten en gelijke arbeidsvoorwaarden. Ze pleiten voor strengere regels voor arbeidsmigratie, hogere boetes bij misstanden, en stimuleren bedrijven om minder afhankelijk te worden van laagbetaalde, vaak buitenlandse uitzendkrachten. De partij ziet vaste en stabiele arbeidsrelaties als het uitgangspunt, met flexwerk alleen waar echt nodig.
De SGP vindt dat Nederland te afhankelijk is van arbeidsmigranten, waaronder veel uitzendkrachten, en wil het aantal beperken door strikte voorwaarden, quota en het ontmoedigen van fiscale prikkels. Alleen voor cruciale vakkrachten die niet in Nederland te vinden zijn, wordt een uitzondering gemaakt.
“Nederland is chronisch verslaafd aan arbeidsmigratie en dat is ongezond... Het aantal arbeidsmigranten moet daarom omlaag.”
“Voor arbeidsmigratie van buiten de EU, en ook studiemigratie, gaan strikte voorwaarden en quota gelden om overbelasting en uitbuiting tegen te gaan.”
“Boetes voor uitbuiting van arbeidskrachten worden verhoogd en verkeerde fiscale prikkels die arbeidsmigratie stimuleren, verdwijnen.”
De SGP wil dat uitzendkrachten en andere arbeidsmigranten dezelfde loonkosten en arbeidsvoorwaarden krijgen als lokale werknemers, om oneerlijke concurrentie en uitbuiting te voorkomen.
“De EU-regels voor detachering vanuit andere lidstaten moeten ertoe leiden dat de loonkosten in het werkland gelijk zijn voor alle werknemers in een bepaalde sector.”
De SGP wil het vaste contract aantrekkelijker maken en het gebruik van flexibele arbeidskrachten, waaronder uitzendkrachten, beperken tot situaties waar het echt nodig is. Ze willen onzekerheid voor flexwerkers tegengaan en duurzame arbeidsrelaties stimuleren.
“Een werkgever biedt zijn werknemer geen waardeloze flexcontractjes aan, maar maakt werk van een duurzame arbeidsrelatie.”
“De positie van de flexwerker wordt verbeterd om onzekerheid in werk en inkomen tegen te gaan, met oog voor die flexwerkers die juist behoefte hebben aan keuzevrijheid ten aanzien van hoeveel en wanneer zij werken.”
De SGP wil dat bedrijven die veel gebruikmaken van laagbetaalde, vaak buitenlandse uitzendkrachten, investeren in arbeidsbesparende technologie en slimmer werken, zodat de afhankelijkheid van deze groep afneemt.
“Ondernemingen die veel gebruikmaken van laagbetaalde, veelal buitenlandse medewerkers stimuleren we in te zetten op arbeidsbesparende technologie en slimmer werken.”
BIJ1 wil de positie van uitzendkrachten en andere flexwerkers structureel verbeteren door het tegengaan van schijnzelfstandigheid, het verplichten van vaste contracten na 9 maanden en het garanderen van gelijke rechten en beloning voor alle werkenden, inclusief arbeidsmigranten. Ze pleiten voor het verbieden van constructies waarbij werk en woonruimte aan elkaar gekoppeld zijn en willen dat uitzendkrachten minimaal het minimumloon ontvangen. De kern van hun visie is het waarborgen van zekerheid, gelijke behandeling en bescherming tegen uitbuiting voor iedereen die via uitzend- of flexconstructies werkt.
BIJ1 wil dat uitzendkrachten en andere flexwerkers na 9 maanden automatisch een vast contract krijgen, om zo structurele onzekerheid en uitbuiting te voorkomen. Dit voorstel richt zich direct op het beperken van langdurige flexibele arbeidsrelaties en het bevorderen van baanzekerheid.
“Werknemers die langer dan 9 maanden met een tijdelijk contract werken, krijgen een vast contract.”
De partij wil dat uitzendkrachten, inclusief arbeidsmigranten, dezelfde rechten en beloning krijgen als andere werknemers. Dit voorkomt het omzeilen van arbeidsrecht via uitzendconstructies en beschermt tegen onderbetaling en slechte arbeidsomstandigheden.
“We beschermen de rechten en beloning van arbeidsmigranten beter. We verbieden het koppelen van werk en woonruimte, waarbij ontslag gelijk staat aan dakloos worden. Werkgevers worden verplicht het minimumloon te betalen, ook als de arbeiders via een wervingsbureau over de grens werken. Zo voorkomen we het omzeilen van ons arbeidsrecht.”
“Arbeidsmigranten en ongedocumenteerde mensen verdienen dezelfde rechten als elke andere werknemer.”
BIJ1 wil schijnzelfstandigheid actief bestrijden, zodat uitzendkrachten niet langer als zelfstandigen zonder echte autonomie worden ingezet. Dit moet voorkomen dat werkgevers hun verantwoordelijkheden ontlopen en uitzendkrachten zonder sociale bescherming werken.
“We verbeteren de bescherming tegen ontslag en gaan schijnzelfstandigheid tegen.”
De partij stelt dat iedereen, ook uitzendkrachten en arbeidsmigranten via bureaus, minimaal het wettelijk minimumloon moet ontvangen. Dit voorkomt onderbetaling en zorgt voor een eerlijker loongebouw.
De ChristenUnie wil de positie van uitzendkrachten versterken door strenge regulering van de uitzendsector, het aanpakken van misstanden en het stimuleren van vaste contracten boven flexibele arbeid. Ze pleiten voor streng toezicht, een uitzendverbod voor sectoren die misstanden niet aanpakken, en het beëindigen van het verdienmodel waarbij uitzendkrachten – vaak arbeidsmigranten – worden uitgebuit.
De ChristenUnie vindt dat de uitzendsector te makkelijk geld verdient ten koste van kwetsbare werknemers, vaak arbeidsmigranten. Ze willen strenge controle op naleving van het nieuwe toelatingsstelsel en een uitzendverbod voor sectoren die misstanden niet aanpakken. Dit moet uitbuiting en slechte arbeids- en woonsituaties tegengaan.
“Er wordt streng toegezien op de naleving van het nieuwe toelatingsstelsel voor de uitzendbranche. Na inwerkingtreding van het wetsvoorstel wordt de uitzendsector eindelijk gereguleerd. Het is nu te makkelijk om met een uitzendbureau veel geld te verdienen ten koste van de werk- en woonsituatie van kwetsbare werknemers, vaak arbeidsmigranten.”
“Sectoren die geen verbetering laten zien in hoe ze met mensen omgaan (zoals de vleessector), krijgen een uitzendverbod opgelegd.”
De ChristenUnie wil af van het systeem waarin tijdelijke werknemers goedkoper zijn dan vaste krachten. Ze streven naar duurzame arbeidsverhoudingen en willen dat werkgevers worden gestimuleerd om mensen in vaste dienst te nemen, onder andere door het verlagen van premies.
“We willen af van de situatie dat tijdelijke werknemers voor een werkgever goedkoper zijn dan werknemers die voor onbepaalde tijd in dienst zijn. We streven duurzame arbeidsverhoudingen na tussen werkgevers en werknemers.”
“Aan de andere kant moet het voor werkgevers (financieel) aantrekkelijker worden om mensen in vaste dienst te nemen. Daarom verlagen we de aof- en awf-premies.”
De partij wil schijnconstructies en misbruik van arbeidsmigranten via uitzendconstructies tegengaan, onder andere door Europese afspraken over vestigingseisen en doordetachering.
“Pak schijnconstructies aan. Er zijn Europese afspraken nodig over vestigingseisen voor ondernemingen om brievenbusfirma’s te voorkomen. Ook moeten er afspraken komen over doordetachering van niet-EU burgers die hier via landen als Litouwen of Roemenië komen werken.”
De ChristenUnie vindt het onwenselijk dat bedrijven een bedrijfsmodel voeren van laagbetaalde seizoensarbeid door arbeidsmigranten via de WW en wil daarom de WW meer uniformeren en de referte-eis versoberen.
“Er zijn bedrijven die met gebruik van de WW een bedrijfsmodel voeren van laagbetaalde seizoensarbeid door veelal arbeidsmigranten. Dat vindt de ChristenUnie onwenselijk. Daarom voeren we een vereenvoudigingslag door waarin we de WW meer uniformeren en ten aanzien van de referte-eis versoberen.”
JA21 wil het aantal uitzendkrachten en arbeidsmigranten in Nederland fors beperken, vooral in laaggeschoolde sectoren, en streng optreden tegen misstanden bij uitzendbureaus. De partij pleit voor regulering van arbeidsmigratie, het aanpakken van malafide uitzendbureaus en verhuurders, en het benutten van het Nederlandse arbeidspotentieel boven het aantrekken van buitenlandse uitzendkrachten. Alleen waar écht tekorten zijn en goede huisvesting en naleving gegarandeerd zijn, steunt JA21 arbeidsmigratie.
JA21 ziet grootschalige inzet van uitzendkrachten, vooral via arbeidsmigratie, als een probleem dat leidt tot druk op de arbeidsmarkt, huisvesting en sociale cohesie. De partij wil arbeidsmigratie beperken tot sectoren met echte tekorten en alleen onder strikte voorwaarden, zoals goede huisvesting en naleving van regels. Laaggeschoolde arbeidsmigratie van buiten de EU wordt uitgesloten.
“Meer ruimte binnen EU-verband om arbeidsmigratie uit andere lidstaten te reguleren op basis van vraag en aanbod per sector. Lidstaten moeten afspraken kunnen maken over tijdelijke beperkingen en gerichte regulering, zodat arbeidsmigratie beter aansluit op de arbeidsmarkt.”
“Geen laaggeschoolde arbeidsmigratie van buiten de EU.”
“Een rem zetten op ongerichte arbeidsmigratie. We steunen arbeidsmigratie alleen waar écht tekorten zijn en waar goede huisvesting en naleving gegarandeerd zijn.”
JA21 wil misstanden rondom uitzendkrachten, zoals uitbuiting, overbewoning en malafide uitzendbureaus, hard aanpakken. Dit moet onder andere door strengere controles, verhuurdersvergunningen en het zoveel mogelijk huisvesten van arbeidsmigranten op het terrein van de werkgever.
“Woonmisstanden en uitbuiting hard aanpakken: streng controleren en handhaven op overbewoning, aanpakken malafide verhuurders en uitzendbureaus, invoering verhuurdersvergunningen, huisvesting zoveel mogelijk op terrein van de werkgever in plaats van in woonwijken en recreatieparken.”
JA21 vindt dat arbeidsmigranten/uitzendkrachten die hun werk verliezen, geen recht hebben om in Nederland te blijven. Bij verlies van werk moet de verblijfsgrond vervallen en moet terugkeer het uitgangspunt zijn.
“Bij verlies van werk vervalt de verblijfsgrond en is niet als dakloze in Nederland blijven, maar terugkeer het antwoord.”
JA21 wil illegale arbeid en het tewerkstellen van illegalen via uitzendbureaus streng bestraffen, met hogere boetes en terugwerkende kracht innen van belastingen en premies.
“Illegale arbeid bestrijden: hogere boetes en strengere handhaving op het tewerkstellen van illegalen, met terugwerkende kracht innen van belastingen en premies van illegale arbeiders en werkgevers.”
De SP wil het gebruik van uitzendkrachten sterk beperken en structureel werk alleen nog door vaste krachten laten uitvoeren. Uitzendbureaus worden aan strenge regels onderworpen, met een vergunningstelsel en harde aanpak van misstanden, inclusief sluiting en boetes. De partij ziet uitzendwerk vooral als bron van uitbuiting en wil het alleen toestaan voor tijdelijke pieken of vervanging bij ziekte.
De SP wil dat vast werk de norm wordt en dat uitzendkrachten niet meer mogen worden ingezet voor structurele functies. Dit moet uitbuiting en onzekerheid tegengaan en zorgt voor meer innovatie en vakmanschap.
“Voor structureel werk komt er een verbod op het inzetten van uitzendkrachten of andere flexibele constructies. In sectoren zoals de vleessector, distributie en transport komt er direct een volledig verbod op het inzetten van flexwerkers omdat de misstanden daar anders niet op te lossen zijn.”
“Vast werk is de norm. Flexwerk is alleen voor piek en ziek.”
Om misstanden te bestrijden, wil de SP een vergunningstelsel voor uitzendbureaus invoeren en de Arbeidsinspectie uitbreiden. Malafide bureaus worden gesloten en beboet, waarbij boetes ten goede komen aan de benadeelde arbeidsmigranten.
“De Arbeidsinspectie moet uitgebreid worden en er komt een vergunningstelsel voor uitzendbureaus. Dit verhoogt de pakkans voor malafide bedrijven en uitzendbureaus. Bij misstanden sluiten we bedrijven of uitzendbureaus. Hierbij wordt meteen een boete ingesteld die uitgekeerd wordt aan de arbeidsmigranten voor eventuele terugkeer of als overbruggingsbudget.”
“We voeren het vergunningstelsel voor uitzendbureaus opnieuw in.”
De SP wil schijnconstructies en uitbuiting via flexibele arbeidsvormen en uitzendwerk hard aanpakken. Dit moet leiden tot meer zekerheid en betere arbeidsvoorwaarden voor werkenden.
BVNL wil maximale flexibiliteit op de arbeidsmarkt en minder regulering voor tijdelijke arbeid, waaronder uitzendkrachten. Zij pleiten voor het onbeperkt toestaan van tijdelijke contracten, het versoepelen van het ontslagrecht en het afschaffen van de verplichte transitievergoeding, zodat werkgevers en werknemers volledige contractvrijheid hebben.
BVNL vindt dat werkgevers en werknemers volledige vrijheid moeten hebben om tijdelijke arbeidscontracten aan te gaan, zonder wettelijke beperkingen op het aantal contracten. Dit moet de arbeidsmarkt flexibeler maken en het aannemen van uitzendkrachten en andere tijdelijke krachten aantrekkelijker maken voor werkgevers.
“Het maximumaantal tijdelijke arbeidsovereenkomsten dat een werknemer en werkgever met elkaar mogen aangaan, wordt onbeperkt. Contractvrijheid is essentieel.”
Om het aannemen en ontslaan van uitzendkrachten en andere flexibele arbeidskrachten eenvoudiger te maken, wil BVNL het ontslagrecht versoepelen en de verplichte transitievergoeding afschaffen. Dit verlaagt de risico’s en kosten voor werkgevers bij het inzetten van uitzendkrachten.
BVNL wil minder regels en overheidsbemoeienis op de arbeidsmarkt, zodat werkgevers en uitzendkrachten zelf hun arbeidsrelatie kunnen vormgeven. Dit betekent ook het intrekken van de wet DBA en het afschaffen van vergunningsplichten.
Het CDA wil het gebruik van uitzendkrachten sterk terugdringen, vooral in sectoren waar misstanden en slechte arbeidsvoorwaarden voorkomen. Ze stellen bindende afspraken en zelfs een mogelijk sectoraal verbod op uitzendkrachten voor, en willen schijnconstructies met uitzendbureaus streng aanpakken. De partij legt nadruk op fatsoenlijke behandeling, betere arbeidsvoorwaarden en meer verantwoordelijkheid voor werkgevers.
Het CDA ziet het veelvuldig gebruik van uitzendkrachten als problematisch, vooral vanwege slechte arbeidsvoorwaarden en misstanden. Ze willen bindende afspraken met sectoren maken om het aantal uitzendkrachten sterk te verminderen, met als stok achter de deur een sectoraal verbod.
“De overheid maakt bindende afspraken met sectoren om te werken aan arbeidsbesparende innovaties en verbetering van de arbeidsvoorwaarden en arbeidsomstandigheden. Stok achter de deur is een sectoraal verbod op uitzendkrachten.”
Het CDA wil misstanden en schijnconstructies met uitzendbureaus, vooral grensoverschrijdend, hard aanpakken. Ze pleiten voor verduidelijking van regels en versterking van handhaving, ook op Europees niveau.
“Schijnconstructies met uitzendbureaus in andere EU-landen zorgen voor misstanden met niet-Europese arbeidsmigranten, de zogeheten derdelanders. Op Europees niveau zetten we vol in op verduidelijking van de regels en handhaving om dit soort schijnconstructies tegen te gaan.”
Het CDA benadrukt dat uitzendkrachten fatsoenlijk behandeld moeten worden, met goede arbeidsvoorwaarden en huisvesting. Werkgevers krijgen meer verantwoordelijkheden, zoals het verzorgen van huisvesting en taallessen.
“Onze norm is helder: behandel mensen fatsoenlijk en houd je aan de regels – ook op de dagen dat de Arbeidsinspectie niet langskomt.”
“Bedrijven zijn verantwoordelijk voor fatsoenlijke huisvesting van hun arbeidsmigranten. Werkgevers blijven een arbeidsmigrant vier weken na het beëindigen van het dienstverband huisvesten, zodat mensen de tijd krijgen om terug te keren naar hun land van herkomst of ander werk te vinden.”
“Werkgevers worden verplicht Nederlandse les te verzorgen voor hun arbeidsmigranten.”
D66 wil de positie van uitzendkrachten, en in het bijzonder arbeidsmigranten die via uitzendbureaus werken, structureel verbeteren door uitbuiting tegen te gaan en werkgevers strenger te controleren. Ze pleiten voor minder laagbetaalde arbeidsmigratie, strengere eisen aan uitzendbureaus en betere handhaving, zodat uitzendkrachten eerlijk behandeld worden en fatsoenlijke huisvesting en arbeidsvoorwaarden krijgen.
D66 wil dat uitzendbureaus en werkgevers die arbeidsmigranten inzetten, verantwoordelijk worden gehouden voor goede arbeidsvoorwaarden en huisvesting. Uitbuiting en slechte leefomstandigheden zijn onacceptabel; bedrijven riskeren hun vergunning te verliezen bij misstanden. De Arbeidsinspectie krijgt een grotere rol in de handhaving.
“We stellen strenge voorwaarden aan werkgevers als die arbeidsmigranten inzetten. Als zij niet zorgen voor fatsoenlijke huisvesting en arbeidsvoorwaarden kunnen ze hun vergunning kwijtraken.”
“We zorgen dat bedrijven en uitzendbureaus hun verantwoordelijkheid nemen voor huisvesting en dat arbeidsmigranten kennis maken met de Nederlandse taal en maatschappij. We verbeteren handhaving met de Arbeidsinspectie en beperken het doorlenen van arbeidsmigranten.”
“Arbeidsmigratie zonder uitbuiting. Te vaak werken arbeidsmigranten in slechte omstandigheden en wonen ze onder mensonterende omstandigheden. Dit is Nederland onwaardig.”
D66 wil de vraag naar laagbetaalde arbeid uit het buitenland verminderen door lonen te verhogen en arbeidskosten te laten stijgen, zodat het aantrekkelijker wordt te investeren in innovatie en oneerlijke concurrentie wordt tegengegaan. Arbeidsmigratie moet gericht zijn op sectoren waar mensen echt nodig zijn, met nadruk op vakkrachten en kenniswerkers.
“Minder vraag naar laagbetaalde arbeid uit het buitenland. We verhogen bijvoorbeeld de lonen, zodat werk naar waarde gewaardeerd wordt en concurrentie met andere werknemers eerlijker is. Hogere arbeidskosten maken het voor ondernemers bovendien aantrekkelijker te investeren in innovatie.”
“De overheid krijgt de regie: minder kwetsbare, laagbetaalde arbeidsmigratie, meer gerichte arbeidsmigratie voor de sectoren waar we mensen écht nodig hebben.”
FVD wil een einde maken aan de uitbuiting van uitzendkrachten, met name in de transportsector, door strengere handhaving op eerlijke beloning, het aanpakken van schijnconstructies en malafide uitzendbureaus, en het stellen van duidelijke eisen aan opleiding en talenkennis. Hun kernvisie is dat uitzendkrachten niet mogen leiden tot verdringing van Nederlandse werknemers of oneerlijke concurrentie, en dat de sector gezond en veilig moet functioneren.
FVD ziet uitzendkrachten, vooral buitenlandse chauffeurs via malafide uitzendbureaus, als oorzaak van uitbuiting en oneerlijke concurrentie in de transportsector. Ze willen streng optreden tegen onderbetaling, schijnconstructies en illegale uitzendbureaus om de sector eerlijker te maken en verdringing van Nederlandse werknemers te voorkomen.
“We pakken onderbetaalde buitenlandse chauffeurs, schijnconstructies en illegale uitzendbureaus aan, zodat de sector weer eerlijk en concurrerend wordt.”
“Onze chauffeurs en bedrijven hebben te maken met oneerlijke concurrentie van onderbetaalde buitenlandse chauffeurs die via schimmige constructies en malafide uitzendbureaus in Nederland werkzaam zijn. Deze chauffeurs worden vaak onder het minimumloon betaald, wat neerkomt op uitbuiting. Dit leidt niet alleen tot verdringing van Nederlandse werknemers, maar ook tot oneerlijke concurrentie voor Nederlandse transportbedrijven die zich wél aan de regels houden.”
FVD wil dat alleen goed opgeleide chauffeurs met voldoende talenkennis via uitzendbureaus aan het werk mogen, om de veiligheid op de weg te waarborgen en misstanden te voorkomen.
NSC wil uitzendwerk sterk beperken tot tijdelijke situaties en misstanden in de uitzendsector hard aanpakken. Ze pleiten voor strikte regulering, gelijktrekken van arbeidsvoorwaarden met vaste contracten, en een verbod op uitzendwerk in sectoren waar structurele misstanden blijven bestaan. Uitzendkrachten moeten niet langer de dupe zijn van een flexibele arbeidsmarkt; vaste contracten worden de norm.
NSC vindt dat uitzendwerk uitsluitend mag worden ingezet om tijdelijke pieken of ziekte op te vangen, niet als structureel verdienmodel. Ze willen dat vaste dienstverbanden de norm worden en dat uitzendkrachten dezelfde bescherming en arbeidsvoorwaarden krijgen als vaste werknemers.
NSC wil duidelijke regels voor de uitzendsector en streng optreden tegen misstanden, met fysieke controles en een verbod op uitzendwerk in sectoren waar structurele overtredingen blijven bestaan. Ze ondersteunen het wetsvoorstel toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) en willen uitzendverboden in sectoren als de vleessector bij aanhoudende misstanden.
“We willen duidelijke regels voor de uitzendsector en een harde aanpak van malafide uitzendconstructies. Met het wetsvoorstel toelating terbeschikkingstelling van arbeidskrachten (Wtta) zetten we een belangrijke stap om dit te bereiken. Ook vinden we dat vanwege de grove misstanden een uitzendverbod moet komen in de vleessector. Ook de schoonmaak-, transport- en teeltsector vereisen aandacht om schendingen van arbeidswetten te voorkomen. Als in die sectoren de misstanden niet opgelost worden, zal ook daar een uitzendverbod gaan gelden.”
NSC wil dat uitzendkrachten niet langer worden uitgespeeld tegen vaste werknemers op arbeidsvoorwaarden. Ze streven naar gelijke fiscale en sociale behandeling, zodat concurrentie op arbeidsvoorwaarden wordt voorkomen.
“De fiscale en sociale behandeling van werknemers, uitzendkrachten en zelfstandigen wordt zo veel mogelijk gelijkgetrokken, zodat uitzendbureaus en zelfstandigen niet met werknemers concurreren op arbeidsvoorwaarden.”
De Partij voor de Dieren wil uitzendkrachten veel betere bescherming bieden en hun positie gelijkstellen aan vaste werknemers. Ze pleiten voor certificering van uitzendbureaus, gelijke arbeidsvoorwaarden, het verbod op het uitzendbeding bij ziekte, en zelfs een verbod op uitzendkrachten in sectoren met veel uitbuiting. Hun visie is dat uitzendwerk alleen nog voor piekperiodes mag worden ingezet, met volledige gelijkwaardigheid en bescherming voor uitzendkrachten.
De PvdD vindt dat uitzendkrachten dezelfde rechten en arbeidsvoorwaarden moeten krijgen als vaste werknemers, om uitbuiting en tweederangs behandeling te voorkomen. Ze willen het uitzendbeding bij ziekte verbieden en uitzendwerk beperken tot piekperiodes. Dit moet zorgen voor eerlijker werk en minder misbruik van flexibele contracten.
“Uitzendkrachten krijgen dezelfde arbeidsvoorwaarden als vaste werknemers en het uitzendbeding voor uitzendkrachten, waardoor bij ziekte het contract stopt, wordt verboden.”
“We beperken arbeidscontracten tot vaste en tijdelijke contracten voor regulier werk, uitzendcontracten voor piekperiodes, en zelfstandigencontracten voor zzp’ers.”
Om misstanden te voorkomen, wil de PvdD dat alleen gecertificeerde uitzendbureaus arbeidsmigranten naar Nederland mogen halen. Bij misstanden wordt de certificering ingetrokken en bedrijven die met niet-gecertificeerde bureaus werken krijgen een boete. Dit moet uitbuiting en malafide praktijken tegengaan.
“Uitzendbureaus moeten gecertificeerd worden om arbeidsmigranten naar Nederland te halen. Als misstanden worden gesignaleerd wordt de certificering ingetrokken. Bedrijven die gebruikmaken van niet-gecertificeerde uitzendbureaus krijgen een boete.”
De PvdD wil uitzendwerk in sectoren met veel uitbuiting, zoals de vleesverwerkende industrie, volledig verbieden. Dit is een uitzonderlijk streng standpunt, bedoeld om structurele misstanden en uitbuiting van kwetsbare groepen te stoppen.
“Er komt daarom een verbod op uitzendkrachten in de vleesverwerkende industrie en andere sectoren met hoog risico op uitbuiting van arbeidsmigranten.”
De VVD wil het gebruik van uitzendkrachten en arbeidsmigranten beperken tot situaties waarin het echt nodig is, en misstanden rondom uitzendwerk hard aanpakken. Werkgevers moeten eerst het Nederlandse arbeidspotentieel benutten en zijn verantwoordelijk voor het welzijn van arbeidsmigranten, terwijl malafide uitzendconstructies en slechte arbeidsomstandigheden streng worden bestreden. Bij aanhoudende misstanden kan zelfs een uitzendverbod in bepaalde sectoren worden ingesteld.
De VVD vindt dat werkgevers pas arbeidsmigranten via uitzendbureaus mogen inzetten als het Nederlandse arbeidspotentieel is benut, en dat zij verantwoordelijk zijn voor het welzijn van deze werknemers. Dit moet misbruik en uitbuiting tegengaan en de afhankelijkheid van arbeidsmigratie beperken.
“Werkgevers hebben de verantwoordelijkheid om eerst te zoeken binnen het onbenutte arbeidspotentieel in Nederland. Als zij toch arbeidsmigranten moeten inzetten, worden zij verantwoordelijk voor het welzijn van deze werknemers.”
De VVD wil schimmige uitzendbureaus en misstanden rondom arbeidsmigranten hard aanpakken. Als sectoren structureel tekortschieten in arbeids- en leefomstandigheden, kan een uitzendverbod worden ingesteld. Nederland moet binnen Europa een leidende rol spelen in het tegengaan van schijnconstructies.
“Nog te vaak maken malafide bedrijven gebruik van sluiproutes om arbeidsmigranten via schimmige uitzendbureaus in Oost-Europa onder mensonterende omstandigheden in Nederland te laten werken. Wij willen dat Nederland binnen Europa een leidende rol speelt bij het aan banden leggen van deze schijnconstructies.”
“In sommige sectoren schieten de arbeids- en leefomstandigheden nog steeds ernstig tekort. Als daar geen verbetering optreedt, zullen we voor de desbetreffende sectoren een uitzendverbod instellen.”
Volt wil uitzendkrachten beter beschermen door misstanden in de uitzendsector aan te pakken en de verantwoordelijkheid voor arbeidsomstandigheden bij de feitelijke werkgever te leggen. Ze pleiten voor verplichte certificering van uitzendbureaus en willen dat in sectoren met structurele misstanden alleen nog directe contracten bij de werkgever mogelijk zijn. Zo wil Volt uitbuiting tegengaan en de positie van uitzendkrachten structureel verbeteren.
Volt wil dat in sectoren waar structureel misstanden voorkomen, werkgevers niet langer via uitzendbureaus of andere intermediairs personeel kunnen aannemen, maar alleen nog directe contracten aanbieden. Dit moet voorkomen dat werkgevers hun verantwoordelijkheid afschuiven en uitzendkrachten kwetsbaar blijven voor slechte arbeidsomstandigheden.
“We pleiten ervoor dat vaste en tijdelijke arbeidsovereenkomsten, in sectoren waar structureel misstanden voorkomen, alleen nog maar direct bij een werkgever mogen worden afgesloten. Nu kunnen werkgevers via de Flexwet verantwoordelijkheid voor arbeidsomstandigheden afschuiven op intermediairs, die regelmatig buiten Nederland gevestigd zijn. Door deze maatregel wordt de verantwoordelijkheid duidelijker bij de feitelijke werkgever gelegd en worden handhaving en aansprakelijkheid effectiever.”
Volt erkent dat er een wildgroei aan uitzendbureaus is en dat deze vaak betrokken zijn bij uitbuiting van arbeidsmigranten en uitzendkrachten. Daarom willen ze aanvullende verplichte certificering van uitzendbureaus, waarbij processen als loonbetaling, klachtafhandeling en huisvesting structureel worden gecontroleerd.
“In Nederland is er een wildgroei aan uitzendbureaus. Uitzendbureaus zijn helaas met regelmaat medeplichtig aan uitbuiting van arbeidsmigranten. We zijn voorstander van aanvullende verplichte certificering van deze bureaus waarbij processen zoals loonbetaling, klachtafhandeling, administratie en huisvesting van arbeidsmigranten worden beoordeeld. Dit zorgt voor structurele controle in plaats van eenmalig bij de start.”
BBB wil geen generiek verbod op uitzendwerk, maar richt zich op het bestrijden van misstanden bij malafide uitzendconstructies. De partij erkent de noodzaak van uitzendkrachten in sectoren met structurele tekorten, maar wil oneerlijke concurrentie en uitbuiting tegengaan zonder het hele systeem te blokkeren.
BBB vindt uitzendwerk in bepaalde sectoren noodzakelijk, maar wil streng optreden tegen misbruik en uitbuiting door malafide uitzendbureaus. Het doel is om uitzendkrachten te beschermen tegen slechte praktijken, zonder het uitzendwerk als geheel te verbieden of te beperken waar het nodig is voor de economie.
“Geen generiek uitzendverbod per sector, maar wij pakken misstanden bij malafide uitzendconstructies hard aan. Oneerlijke concurrentie, uitbuiting en malafide praktijken worden bestreden, zonder het hele systeem plat te leggen.”
DENK wil misstanden en uitbuiting in de uitzendbranche tegengaan door strengere regulering en een vergunningsstelsel. De partij richt zich vooral op het beschermen van uitzendkrachten, met name arbeidsmigranten, tegen uitbuiting en discriminatie.
DENK wil de uitzendbranche strenger reguleren om uitbuiting en discriminatie van uitzendkrachten, vooral arbeidsmigranten, te voorkomen. Door een vergunningsstelsel in te voeren, wil de partij misstanden aanpakken en de positie van uitzendkrachten versterken.
“Uitwassen in uitzendbranche gaan wij tegen met een vergunningsysteem. Zo pakken wij uitbuiting van arbeidsmigranten en discriminatie aan.”
Niet expliciet genoemd in verkiezingsprogramma
Niet expliciet genoemd in verkiezingsprogramma