D66 onderscheidt zich van FvD door een uitgesproken sociaal-liberale, progressieve en pro-Europese koers, met nadruk op gelijke rechten, inclusiviteit, klimaatbeleid, en verdieping van Europese samenwerking. D66 zet zich in voor het expliciet beschermen van minderheden, het versterken van de democratische rechtsstaat, ambitieuze klimaatmaatregelen en meer Europese integratie, terwijl FvD juist bekend staat om een nationalistische, conservatieve en eurosceptische benadering. De kern van D66’s visie is een open, diverse samenleving met sterke internationale samenwerking en bescherming van individuele vrijheden.
D66 maakt van gelijke rechten, bestrijding van discriminatie en bescherming van minderheden een speerpunt, wat sterk contrasteert met FvD’s meer conservatieve en nationalistische benadering van identiteit en cultuur. D66 wil expliciet dat iedereen zichzelf kan zijn, ongeacht afkomst, geloof, seksuele oriëntatie of genderidentiteit.
“D66 wil alle vormen van uitsluiting, racisme en discriminatie doorbreken: of het nu gaat om afkomst of geloof (jodenhaat of moslimhaat), huidskleur (zoals anti-zwart of anti-Aziatisch racisme), leeftijd, opleidingsniveau, armoede, beperking, neurodiversiteit (zoals ADHD of autisme), seksuele oriëntatie of genderidentiteit (queerhaat) of omdat iemand een vrouw is.”
“Waar je mag houden van wie je wil en mag zeggen wat je vindt. Waar je niet uit de rij wordt gehaald vanwege je huidskleur. En waarin iedereen Nederlander is.”
“Expliciet steunen we vrouwenrechtenbewegingen en dappere voorvechters die opkomen voor vrouwen- en LHBTIQA+-rechten.”
D66 benadrukt het belang van een sterke, liberale rechtsstaat, openheid, en bescherming tegen corruptie en belangenverstrengeling. Dit staat haaks op FvD’s kritiek op het huidige politieke systeem en hun pleidooi voor meer directe democratie en minder internationale inmenging.
“Democratie begint met vertrouwen in mensen. D66 wil mensen méér invloed geven op de beslissingen die hen aangaan. Niet iedere vier jaar, maar continu.”
“Openheid moet daarom de norm zijn.”
“Sterke waakhonden van de macht beschermen mensen en kwetsbare belangen, zoals de natuur, tegen onrecht en willekeur.”
D66 kiest voor stevige klimaatmaatregelen, investeringen in duurzaamheid en bescherming van natuur en milieu, terwijl FvD klimaatverandering relativeert en zich verzet tegen streng klimaatbeleid.
“Klimaatverandering maakt Nederland natter, heter en droger. [...] D66 wil Nederland daarom weerbaar maken voor klimaatverandering.”
“We verkleinen de verschillen in fiscale voordelen tussen huurders en mensen met een koopwoning. Dit doen we onder andere via de afbouw van de hypotheekrenteaftrek, verlaging van het btw-tarief op nieuwbouw en aanscherping van het eigenwoningforfait voor de duurste huizen.”
D66 is uitgesproken pro-Europees, wil meer Europese integratie, een grotere EU-begroting, en zelfs een Europese krijgsmacht. FvD is juist fel tegen verdere Europese integratie en pleit voor soevereiniteit van Nederland.
“Met D66 neemt Nederland het voortouw in Europa.”
“D66 streeft op lange termijn naar een Europese krijgsmacht.”
“D66 is voorstander van diepgaande Europese integratie, en steunt de verdere federalisering van de EU.”
“Met een Europese begroting die twee keer zo groot is, kunnen we samen écht een veranderende wereld aan.”
D66 verdedigt expliciet het recht op abortus, euthanasie en hulp bij voltooid leven, en wil deze rechten grondwettelijk vastleggen. FvD is op deze thema’s veel behoudender.
D66 wil softdrugs en XTC legaliseren en reguleren, terwijl FvD hier traditioneel tegen is.
“Door softdrugs en XTC te legaliseren, halen we de handel en productie uit criminele handen en maken we capaciteit voor de opsporing vrij.”
D66 kiest voor internationale samenwerking, verdediging van mensenrechten en het internationaal recht, in tegenstelling tot FvD’s meer isolationistische koers.
“D66 kiest voor Europese kracht, internationale samenwerking en leiderschap op het terrein van mensenrechten.”
“Als sociaal-liberale partij pleit D66 voor het internationaal recht als richtlijn voor internationaal beleid. We zullen ons altijd uitspreken als het internationaal recht wordt geschonden.”
BVNL positioneert zich als een klassiek-liberale, economisch rechtse en cultureel conservatieve partij die sterk inzet op individuele vrijheid, een kleine overheid, nationale soevereiniteit en het beperken van immigratie. In de context van de keuze tussen D66 en FVD, benadrukt BVNL vooral haar afkeer van een grote overheid, haar wens tot het terugdringen van Europese invloed, en haar pleidooi voor bindende referenda en een streng immigratiebeleid. De partij onderscheidt zich door concrete voorstellen als een vlaktaks, het afschaffen van het toeslagenstelsel, een asielstop, en het beperken van supranationale inmenging.
BVNL wil de overheid fors verkleinen, minder ambtenaren, minder bureaucratie en lagere overheidsuitgaven. Dit staat haaks op de visie van D66 (meer overheid, progressief) en sluit deels aan bij FVD, maar BVNL is expliciet in haar economische liberalisme en bezuinigingsdrang.
“BVNL stelt zich ten doel om binnen twee regeerperiodes de rijksoverheidsuitgaven met ten minste 35% te verminderen, primair door het schrappen van subsidies, adviesorganen, overheidsreclame, klimaatbeleid, internationale hulp en niet-kerntaken.”
“Wij streven naar een kleine, maar betrouwbare overheid die in dienst staat van de burger.”
BVNL wil de macht van de EU fors beperken, Nederland soeverein maken en opt-ins/opt-outs binnen de EU. Dit is een duidelijk verschil met D66 (pro-EU) en een overlap met FVD, maar BVNL kiest voor een confederatief model in plaats van volledige uittreding.
“BVNL wil dat Nederland weer soeverein wordt. We moeten stoppen met het overhevelen van zeggenschap naar ongekozen supranationale organen zoals de WHO, de EU, de VN en de NAVO.”
“De EU moet worden omgevormd tot een confederatie van samenwerkende landen, zoals de Europese Economische Gemeenschap (EEG) oorspronkelijk bedoeld was.”
“Een bindend referendum over het EU-lidmaatschap.”
BVNL pleit voor een asielstop en het beperken van immigratie, met als doel het woningtekort en druk op publieke voorzieningen te verminderen. Dit is een fundamenteel verschil met D66 (ruimhartig migratiebeleid) en een overeenkomst met FVD, maar BVNL koppelt het expliciet aan economische en sociale problemen.
BVNL wil burgers meer directe invloed geven via bindende referenda, wat haaks staat op de representatieve democratie van D66 en aansluit bij FVD.
BVNL wil een vlaktaks van 25% en het afschaffen van het toeslagenstelsel, wat een radicaal ander fiscaal beleid is dan D66 (progressieve belasting) en zelfs FVD (minder expliciet over vlaktaks).
“BVNL wil een vlaktaks invoeren van 25% op arbeidsinkomen, winst uit onderneming en winst uit vermogen, met een belastingvrije voet van €20.000,-. Tegelijkertijd worden alle andere belastingen en toeslagen afgeschaft.”
“Het toeslagenstelsel afschaffen waardoor de Belastingdienst weer gewoon een organisatie wordt die belastingen int en geen uitkeringsorganisatie meer is.”
BVNL is economisch rechts (pro-markt, lage belastingen) en cultureel conservatief (behoud Nederlandse tradities, tegen woke-isme), wat hen onderscheidt van D66 (progressief, multicultureel) en deels overlapt met FVD, maar BVNL is expliciet medisch-ethisch progressief.
“BVNL is tot slot cultureel conservatief: wij willen ons mooie Nederland en de daarbij behorende unieke Nederlandse tradities en cultuur intact houden, maar wel medisch-ethisch progressief: iedereen mag zelf bepalen hoe en met wie hij/zij het leven vormgeeft en beslist zelf over de eigen levensovertuiging en het eigen lichaam.”
“Nederland is geen lege huls. Onze taal, onze normen, onze geschiedenis en onze waarden zijn het fundament van wie wij zijn. Wie Nederland binnenkomt, past zich aan – niet andersom.”
PVV positioneert zich als radicaal anders dan zowel D66 als FvD, met een uitgesproken anti-immigratie, anti-EU en nationalistische koers. Waar D66 progressief, pro-EU en inclusief is, en FvD zich vooral op soevereiniteit en conservatisme richt, kiest PVV voor een totale asielstop, het terughalen van bevoegdheden uit Brussel, en het centraal stellen van Nederlandse identiteit en cultuur. De partij is fel tegen multiculturalisme, klimaatmaatregelen en genderdiversiteit, en wil directe democratie en nationale prioriteit in beleid.
PVV onderscheidt zich door een extreem harde lijn tegen immigratie en asiel, veel verdergaand dan D66 (progressief en inclusief) en zelfs FvD (streng, maar minder radicaal). Dit is een kernpunt waarop de verschillen tussen deze partijen het meest zichtbaar zijn.
“Nederland is Nederland niet meer. We hebben te veel vreemdelingen, te veel asielzoekers, te veel islam en veel te veel azc’s. Het opengrenzenbeleid maakt ons land helemaal kapot. De PVV is er klaar mee. Het roer moet drastisch om.”
“Wij willen met alle liefde aan de slag – voor u en met steun van u. Want wie is eigenlijk de baas in dit land? Niet al die middelmatige politici die elkaar naar de mond praten, uw problemen negeren en continu de verkeerde besluiten nemen. Ook niet de ongekozen bureaucraten in Brussel met hun riante salarissen. Nee, ú bent de baas en ú hebt het voor het zeggen.”
“Vreemdelingen (waaronder statushouders) worden na veroordeling voor één misdrijf – na het uitzitten van de straf en intrekking van de verblijfsstatus – direct uitgezet”
PVV is fel tegen verdere Europese integratie en wil bevoegdheden terughalen uit Brussel, in tegenstelling tot D66 (pro-EU) en FvD (ook kritisch, maar minder expliciet in het programma). Dit onderscheidt PVV duidelijk van D66 en plaatst ze op sommige punten rechts van FvD.
“De PVV kiest voor een soeverein Nederland. Dat betekent: baas in eigen land, baas over eigen geld, eigen grenzen en eigen regels.”
“Wij willen sterke bilaterale en economische banden met andere landen; samenwerken is prima. Waar wij fel tegen zijn, is een geopolitieke Europese Unie, een Europese superstaat.”
“Niet nóg meer miljarden en bevoegdheden overhevelen naar Brussel, maar juist terughalen”
PVV verzet zich expliciet tegen multiculturalisme, woke- en genderbeleid, en wil Nederlandse tradities en identiteit beschermen. Dit is een scherp contrast met D66 (progressief, inclusief) en zelfs FvD (conservatief, maar minder uitgesproken op cultuur).
“Handen af van onze geschiedenis, cultuur, identiteit, tradities en feesten; linkse haat tegen helden uit onze geschiedenis stoppen”
“Voor de PVV bestaan er slechts twee geslachten: man en vrouw. In wetten en beleid hoort het biologische geslacht weer leidend te zijn – dus geen “X” in het paspoort. We stoppen met gesubsidieerd wokebeleid en schrappen de hokjesdenkende genderpropaganda op scholen.”
“Geen misplaatste schaamtecultuur, maar het koesteren van onze tradities, de standbeelden van onze nationale helden en onze feesten als Kerstmis, Sinterklaas mét Zwarte Piet en Pasen.”
PVV is uitgesproken tegen klimaatmaatregelen, elektrificatie en verplicht elektrisch rijden, waar D66 juist vooroploopt in klimaatbeleid en FvD klimaatverandering ontkent maar minder concreet is in afwijzing van alle maatregelen.
PVV wil directe democratie en verwerpt burgerberaden, wat hen onderscheidt van D66 (voorstander van burgerparticipatie) en FvD (ook voor referenda, maar minder uitgesproken tegen burgerberaden).
“Wij willen échte directe democratie – geen onzinnige, nietszeggende burgerberaden.”
BIJ1 onderscheidt zich van zowel D66 als FVD door een radicaal linkse, antikapitalistische en antiracistische koers, met nadruk op collectieve inspraak, sociale gelijkheid en het terugdringen van marktwerking. De partij pleit voor vergaande democratisering, gratis onderwijs, nationalisatie van essentiële sectoren en een uitgesproken anti-militaristische en anti-imperialistische buitenlandpolitiek. Kernvoorstellen zijn onder meer het afschaffen van collegegeld, het vergroten van werknemersmacht, het nationaliseren van zorg en OV, en het uittreden uit de NAVO.
BIJ1 wil alle onderwijs gratis maken en studieschulden kwijtschelden, wat veel verder gaat dan D66 (die inzet op toegankelijkheid, maar niet op volledige kwijtschelding) en lijnrecht tegenover FVD staat (die juist kritisch is op overheidsuitgaven aan onderwijs).
“We schaffen collegegeld af: al het onderwijs wordt gratis. Alle studieschulden van de ‘pechgeneratie’ schelden we volledig kwijt.”
BIJ1 wil essentiële sectoren volledig in publieke handen brengen, terwijl D66 marktwerking deels wil behouden en FVD juist pleit voor meer markt en minder overheid.
“De zorg komt volledig in handen van de overheid, van ziekenhuis tot verzekeraar. Winst en markt-bureaucratie in de zorg worden zo verleden tijd.”
“Vervolgens werken wij aan concurrentie in het ov afschaffen door ov-bedrijven volledig te nationaliseren: de NS fuseert met alle andere personenvervoerders op het spoor en ProRail samen tot één overheidsdienst die verantwoordelijk is voor het hele Nederlandse spoornetwerk.”
BIJ1 wil burgers en werknemers directe, bindende inspraak geven in politiek en bedrijfsleven, veel verdergaand dan D66 (die inzet op burgerfora, maar niet bindend) en tegenovergesteld aan FVD (die juist kritisch is op meer directe democratie).
“Alle grote bedrijven worden verplicht om werknemers-raden aan te stellen met gekozen vertegenwoordigers van het personeel. Die raden hebben advies- en vetorecht over belangrijke beslissingen als ontslagen, investeringen en reorganisaties.”
“Burgers bepalen met landelijke gespreksrondes en inspraaksessies altijd actief mee met nieuwe wetten en regels van de overheid. Vooral bij grote politieke vraagstukken krijgt deze raadpleging een centrale, bindende rol.”
BIJ1 wil Nederland uit de NAVO halen, defensiebudget niet verhogen en militaire invloed minimaliseren, terwijl D66 de NAVO steunt en FVD kritisch is op NAVO maar vanuit isolationistisch perspectief.
BIJ1 wil de EU drastisch hervormen tot een unie van waarden, anti-imperialistisch en anti-kapitalistisch, terwijl D66 juist pro-EU is en FVD uit de EU wil stappen.
“Het liberale, imperialistische en racistische verlengstuk van de CEO’s en multinationals van deze wereld maken we tot een nieuwe unie die werkt voor mensen, dieren en de planeet. In plaats van een unie van winst, wordt de EU een unie van waarden.”
“Lobbyen door multinationals en industrieën verbieden we. Nederland stemt ook niet in met verdragen die bedrijven een claimrecht geven en stuurt de EU erop aan deze in te trekken.”
BIJ1 plaatst de strijd tegen racisme, kolonialisme en ongelijkheid centraal, met concrete voorstellen voor herstel en gelijkwaardigheid, waar D66 gematigd progressief is en FVD juist kritisch op deze thema’s.
“Echte ontwikkelingssamenwerking is gericht op herstel, radicaal eerlijk delen en solidariteit. Voor zelfbeschikking, klimaatrechtvaardigheid en het recht op ontwikkeling buiten westerse ‘voorwaarden’ om.”
“Mensen uit voormalige koloniën krijgen via een toegankelijk procedure het recht op de Nederlandse nationaliteit, waarmee historisch onrecht deels wordt hersteld.”
NSC positioneert zich als een partij die afstand neemt van zowel het neoliberalisme als het populisme, en pleit voor een realistische, zorgzame samenleving met sterke democratische waarborgen. In de context van het verschil tussen D66 (progressief, pro-EU, liberaal) en FvD (nationalistisch, EU-sceptisch, conservatief) benadrukt NSC vooral het belang van nationale soevereiniteit binnen Europa, een betrouwbare overheid, en het versterken van de democratische rechtsstaat. Hun belangrijkste voorstellen zijn het beschermen van nationale zeggenschap in de EU, het beperken van migratie, en het herstellen van vertrouwen tussen burger en overheid.
NSC onderscheidt zich door een kritische houding tegenover verdere Europese integratie, waarbij ze nationale bevoegdheden willen behouden en zich verzetten tegen een 'ever closer union'. Dit is een duidelijk verschil met D66 (pro-EU) en FvD (anti-EU), waarbij NSC een middenpositie inneemt: constructief in Europa, maar met duidelijke grenzen aan overdracht van macht.
“We zijn tegen de ‘ever closer union’. Binnen Europa bepleiten we een stevige opstelling van Nederland, constructief maar realistisch. Taken, bevoegdheden en budgetten blijven van ons, deze nationale soevereiniteit bewaken we.”
“De EU mag alleen maatregelen nemen als die doeltreffender zijn dan nationale, regionale of lokale maatregelen (het subsidiariteitsbeginsel).”
NSC positioneert zich expliciet als alternatief voor zowel het neoliberalisme (meer richting D66) als het populisme (meer richting FvD), en kiest voor een zorgzame, realistische benadering van politiek en samenleving.
“We keren ons af van het neoliberalisme, waarin het eigenbelang centraal staat en de sterksten alles krijgen. En we zijn wars van populisme, wat gouden bergen belooft maar niets waarmaakt. We staan voor realistische politiek en een zorgzame samenleving met trotse burgers.”
NSC kiest voor beperking van verschillende vormen van migratie, met nadruk op nationale controle en het belang van de Nederlandse taal en cultuur. Dit is strenger dan D66, maar minder radicaal dan FvD.
“Minder arbeidsmigratie. We pakken misstanden en uitbuiting streng aan. Onderbetaalde arbeidsmigranten (zoals in delen van de vleessector) mogen geen verdienmodel zijn.”
“Minder privileges voor kennismigranten (expats).”
“Minder studiemigratie. Nederlandse studenten hebben voorrang en er komen flink minder Engelstalige opleidingen.”
“Minder asielmigratie. Door strenge en realistische maatregelen met opvang in de regio.”
“De Nederlandse taal moet weer de norm zijn op straat en op de werkvloer.”
NSC legt sterk de nadruk op het herstellen van vertrouwen tussen burger en overheid, met meer transparantie, open debat en versterking van de democratische rechtsstaat. Dit is een ander accent dan bij D66 (meer technocratisch, pro-internationalisering) en FvD (meer anti-establishment, anti-instituten).
“Nieuw Sociaal Contract kiest voor bestaanszekerheid voor gewone mensen, gezinnen en hardwerkende ondernemers. Zij moeten centraal staan in de beslissingen die de politiek neemt. De overheid moet mensen dienen, niet andersom.”
“Nieuw Sociaal Contract pleit voor een nieuwe de relatie tussen overheid en burgers. Daarbij hoort ook een duidelijke rolverdeling met voldoende tegenmacht om onze rechtsstaat en samenleving weerbaarder te maken.”
De VVD positioneert zich als een centrum-rechtse partij die sterk inzet op een liberale democratie, een kleinere overheid, het laten lonen van werk en het beperken van herverdeling. In vergelijking met D66 (progressief, pro-EU, sociaal-liberaal) en FvD (nationalistisch, anti-EU, populistisch) kiest de VVD voor pragmatische Europese samenwerking zonder federale unie, strenge migratiebeperking, en het beschermen van individuele vrijheden. De partij benadrukt economische groei, lastenverlichting voor werkenden en een harde lijn op veiligheid en integratie.
De VVD benadrukt haar onvoorwaardelijke steun voor de liberale democratie en rechtsstaat, en keert zich expliciet tegen populisme. Dit onderscheidt de partij van FvD, dat vaak populistische en anti-institutionele retoriek voert, en van D66, dat meer nadruk legt op progressieve democratische vernieuwing.
De VVD wil de herverdeling via belastingen beperken en de lasten voor werkenden verlagen, in tegenstelling tot D66 (meer herverdeling, sociaal beleid) en FvD (meer gericht op lagere belastingen, maar met andere accenten).
“De VVD perkt de Haagse herverdelingsmachine in. We stoppen met steeds maar weer verder nivelleren, verlagen de lasten voor middeninkomens en zetten de werkende Nederlander weer op één.”
“We hebben werk gemaakt van lastenverlichting, niet verder nivelleren en als VVD schreven we onze Agenda voor Werkend Nederland.”
De VVD kiest voor een pragmatische, flexibele EU-samenwerking met behoud van nationale bevoegdheden, in tegenstelling tot D66 (voor meer Europese integratie) en FvD (tegen EU-lidmaatschap).
“Wij verzetten ons tegen een sluipende overdracht van nationale bevoegdheden en een federale glijbaan. Nationale bevoegdheden...”
“De VVD staat open voor een EU met meerdere snelheden, waarin coalities van gelijkgezinde landen... samen verder kunnen integreren op terreinen als defensie, veiligheid, innovatie...”
De VVD wil de asielinstroom fors beperken en stelt duidelijke eisen aan integratie, wat strenger is dan D66 (ruimhartiger migratie/integratie) en minder radicaal dan FvD (die migratie vrijwel wil stoppen).
De VVD kiest voor een kleinere, efficiëntere overheid met minder regels, wat contrasteert met D66 (meer overheid voor sociale doelen) en FvD (die vooral anti-overheid en anti-establishment is).
“De VVD kiest voor een overheid die uitgaat van een sterke samenleving en alle Nederlanders gelijkwaardig behandelt. Met een deltaplan ‘ontregelen’ willen we de overheid doelmatiger en effectiever maken, beleid en uitvoering dichter bij elkaar brengen, minder regeldruk en af van doorgeslagen bureaucratie.”
De VVD verschuift uitgaven van ontwikkelingssamenwerking naar defensie, wat afwijkt van D66 (meer internationale solidariteit) en FvD (die defensie wil, maar ontwikkelingshulp radicaal wil schrappen).
“De VVD gaat mee met de huidige geopolitieke realiteit door te investeren in defensie en minder uit te geven aan ontwikkelingssamenwerking.”
DENK positioneert zich als een uitgesproken tegenstander van extreemrechts en discriminatie, en benadrukt het belang van gelijke kansen, sociale rechtvaardigheid en bescherming van minderheden. In de context van de keuze tussen D66 (progressief, liberaal) en FVD (nationalistisch, conservatief) wijst DENK op fundamentele verschillen: D66 staat dichter bij hun inzet voor diversiteit en inclusiviteit, terwijl FVD volgens DENK juist de normalisatie van extreemrechts vertegenwoordigt. DENK pleit voor harde maatregelen tegen discriminatie, meer sociale gelijkheid en een inclusieve samenleving.
DENK maakt een principieel onderscheid tussen partijen die discriminatie en extreemrechts normaliseren (zoals FVD) en partijen die inclusiviteit en gelijke rechten voorstaan (zoals D66). Ze stellen dat de strijd tegen extreemrechts en racisme centraal staat in hun programma, en dat partijen als FVD een gevaar vormen voor minderheden en de democratische rechtsstaat.
“Discriminatie is met de komst van het extreemrechtse kabinet Schoof doorgedrongen tot in de regering zelf. De politieke partijen die deze regering mogelijk hebben gemaakt hebben een gevaarlijke weg geopend van de normalisatie van het fascistische gedachtegoed van Wilders.”
“DENK is dé verzekeringspolis voor de bescherming van jouw rechten. De bestrijding van discriminatie en de strijd tegen extreemrechts is waarom wij zijn opgericht.”
“Antifascisme in de Grondwet. Nooit meer is nu: in de Grondwet wordt expliciet opgenomen dat Nederland het fascisme en extreemrechtse politiek afwijst en kiest voor een pluriforme rechtsstaat waarin iedereen gelijkwaardig is.”
DENK benadrukt het belang van gelijke kansen voor iedereen, bestrijding van armoede, en bescherming van minderheden. Dit staat haaks op het beleid van FVD, dat volgens DENK uitsluiting en ongelijkheid in de hand werkt. D66 wordt impliciet gezien als een partij die meer inzet op inclusiviteit, wat dichter bij DENK ligt.
“DENK wil het meest ambitieuze maatregelenpakket ooit om te zorgen voor de gelijke kansen van iedereen. Wij strijden tegen alle vormen van discriminatie en racisme: moslimhaat, anti zwart en anti Oost Aziatisch racisme, antisemitisme, haat en geweld jegens LHBTI’ers, anti hindoe en Sikh racisme, anti ziganisme en welke andere vorm van onwettig onderscheid dan ook.”
“Wij moeten strijden voor een Nederland met gelijke kansen voor iedereen. Een land waarin we de welvaart eerlijk delen en iedereen een betaalbaar huis heeft.”
DENK kiest voor een sterke verzorgingsstaat, hogere belastingen voor grote bedrijven en superrijken, en forse investeringen in armoedebestrijding en publieke voorzieningen. Dit contrasteert met het marktgerichte beleid van FVD en sluit meer aan bij de sociaal-liberale koers van D66.
“Wij verhogen daarom de winstbelasting voor grote bedrijven en schaffen ondoelmatige belastingvoordelen die de ongelijkheid vergroten af. Binnen de inkomstenbelasting zorgen wij voor een rechtvaardigere verdeling door van superrijken een eerlijke bijdrage te vragen.”
“Wij staan daarom voor meer geld voor het onderwijs, voor betaalbare woningen, voor het openbaar vervoer, voor de zorg en voor andere publieke voorzieningen.”
DENK verdedigt actief religieuze en culturele diversiteit, inclusief het recht op religieus onderwijs en het beschermen van religieuze minderheden. Dit is een duidelijk verschil met FVD, dat kritisch is op religieuze en culturele diversiteit, terwijl D66 hier juist meer ruimte voor biedt.
FVD en D66 verschillen fundamenteel op thema’s als immigratie, klimaat, Europa en democratie. FVD wil immigratie sterk beperken, alle klimaatmaatregelen schrappen, uit de EU stappen (NEXIT), en bindende referenda invoeren, terwijl D66 juist inzet op internationale samenwerking, klimaatbeleid en progressieve waarden. FVD’s programma is nationalistisch, anti-EU, anti-klimaatbeleid en pleit voor een kleinere overheid en meer directe democratie.
FVD wil immigratie drastisch beperken en zelfs remigratie stimuleren, uit zorg voor het behoud van de Nederlandse identiteit. Dit staat haaks op D66, dat juist inzet op een open en inclusieve samenleving.
“We willen stoppen met de massale immigratie en remigratie tot stand brengen zodat ons volk ook in de komende tientallen, honderden jaren als zodanig kan blijven bestaan.”
FVD ontkent de urgentie van de klimaatcrisis, wil alle klimaatregels schrappen, fossiele energiebronnen heropenen en investeren in kernenergie. D66 is juist voorloper op klimaatbeleid en duurzame energie.
FVD wil dat Nederland uit de EU stapt en weer volledige zeggenschap krijgt over eigen wetten, grenzen en munt. D66 is uitgesproken pro-EU en ziet Europese samenwerking als essentieel.
“Voor het behoud van onze democratie en onze welvaart acht Forum voor Democratie het van essentieel belang om als Nederland de Europese Unie te verlaten (NEXIT) en ons aan te sluiten bij de EFTA, de Europese vrijhandelszone waar ook welvarende landen...”
“We voeren bindende referenda in naar Zwitsers model, zodat u direct zelf kunt beslissen over belangrijke kwesties.”
FVD wil de democratie hervormen door bindende referenda en direct gekozen bestuurders, om de macht terug te geven aan de burger. D66 gelooft in representatieve democratie en bestuurlijke vernieuwing, maar niet in bindende referenda of directe verkiezing van alle bestuurders.
“We voeren bindende referenda in naar Zwitsers model, zodat burgers zich rechtstreeks kunnen uitspreken over belangrijke politieke besluiten.”
“We laten burgemeesters en Commissarissen van de Koning direct door de bevolking kiezen, zodat bestuurders verantwoording afleggen aan de kiezer in plaats van aan politieke partijen.”
FVD wil de overheid structureel verkleinen en een vlaktaks invoeren, terwijl D66 inzet op een sterke overheid en progressieve belastingen.
“De Rijksoverheidsuitgaven moeten verplicht ieder jaar 3% krimpen, zodat de overheid niet groter maar kleiner wordt.”
“We voeren een vlaktaks in op het inkomen in Box-1, zodat meer verdienen niet wordt afgestraft en altijd volstrekt transparant is hoeveel inkomstenbelasting moet worden betaald.”
De Partij voor de Dieren (PvdD) positioneert zich als radicaal anders dan zowel D66 als FvD, met een sterke nadruk op dierenrechten, klimaat, sociale rechtvaardigheid en het beschermen van de democratische rechtsstaat. Waar D66 progressief en pro-Europees is en FvD juist nationalistisch en conservatief, kiest PvdD voor een fundamenteel groene, inclusieve en solidaire koers, met scherpe kritiek op populisme en ondermijning van de rechtsstaat. Hun programma bevat concrete voorstellen voor het versterken van grondrechten, het tegengaan van discriminatie, en het centraal stellen van welzijn boven economische groei.
PvdD benadrukt het belang van een sterke, inclusieve rechtsstaat en waarschuwt expliciet voor populisme en extreemrechtse ondermijning, waarmee ze zich duidelijk afzet tegen FvD en zich op punten onderscheiden van D66. Ze pleiten voor bescherming van grondrechten, onafhankelijke rechtspraak en het tegengaan van discriminatie.
“We verzetten ons tegen discriminatie, moslimhaat en antisemitisme. Kortom: een samenleving waarin ieders grondrechten worden gerespecteerd ongeacht de politieke windrichting.”
“Onze democratische rechtsstaat kraakt onder druk van ophitspolitiek. Populisme, extreemrechtse ondermijning van de rechtsstaat en het systematisch uitstellen van het oplossen van problemen, schaden het vertrouwen in overheid en politiek.”
“De Partij voor de Dieren verdedigt de democratische rechtsstaat als levend systeem dat burgers beschermt en macht begrenst.”
PvdD kiest radicaal voor het aanpakken van de klimaatcrisis, natuurherstel en dierenrechten, en plaatst welzijn boven economische groei. Dit onderscheidt hen van zowel D66 (die wel groen is, maar minder radicaal) als FvD (die klimaatbeleid juist afwijst).
“De Partij voor de Dieren is de enige politieke partij die welzijn boven welvaart plaatst.”
“We kiezen voor de dieren. Voor ruimte voor natuur en woningen, voor het radicaal aanpakken van de klimaatcrisis, voor gezondheid, voor medemenselijkheid en rechtvaardigheid.”
“Zo werken we toe naar de norm om 5% van het BBP in te zetten voor het bestrijden van de natuur- en klimaatcrisis.”
PvdD stelt gelijke behandeling en het bestrijden van discriminatie centraal, met concrete voorstellen tegen etnisch profileren en voor inclusiviteit. Dit is een belangrijk verschil met FvD, dat vaak kritiek heeft op diversiteitsbeleid, en sluit aan bij de progressieve koers van D66.
“Het verbod op etnisch profileren wordt uitgebreid; er komt een (wettelijk) verbod op het gebruik van etniciteit en nationaliteit als indicator in risicoprofielen die worden gebruikt voor het opsporen van potentiële wet- en regelovertreders door de politie, Koninklijke Marechaussee of het FIOD.”
“Preventief fouilleren werkt etnisch profileren en stigmatiseren in de hand en staan we niet langer toe.”
PvdD is kritisch op de NAVO en de dominante rol van de VS, en pleit voor een alternatief gericht op internationale solidariteit en rechtvaardigheid. Dit onderscheidt hen van D66 (pro-NAVO) en FvD (anti-NAVO, maar om andere redenen).
“De NAVO-norm wordt gedicteerd door Trump: daar doen wij niet aan mee. We wegen zorgvuldig af wat nodig is op basis van goed onderbouwde plannen. Géén blanco cheque voor defensie. Bovendien is de Partij voor de Dieren heel kritisch op de NAVO. De NAVO is een militaire alliantie die voornamelijk machtsbelangen van de VS dient. Daar willen we vanaf.”
BBB positioneert zich als een sociaal-conservatieve partij die sterk inzet op nationale soevereiniteit, regionale identiteit en terughoudendheid richting Europese integratie. In tegenstelling tot D66 (progressief, pro-EU) en FvD (radicaal anti-EU, nationalistisch), kiest BBB voor behoud van Nederlandse zeggenschap, nuchter klimaatbeleid en het beschermen van tradities zonder doorgeschoten diversiteitsbeleid. De partij benadrukt maatwerk per regio, economische haalbaarheid en het belang van gemeenschapszin.
BBB wil geen verdere overdracht van bevoegdheden aan de EU en pleit voor strenge toetsing van Europese regelgeving, waarmee ze zich duidelijk onderscheiden van het pro-Europese D66 en het radicaal anti-Europese FvD. De partij accepteert Europese samenwerking alleen als het aantoonbaar beter werkt dan nationaal beleid.
“Geen federaal Europa. Geen verdere overdracht van Nederlandse bevoegdheden en soevereiniteit aan Brussel. BBB staat voor eenheid in verscheidenheid en voor een strenge subsidiariteitstoets.”
“Nederland moet weer soeverein kunnen kiezen wat werkt. Nationale belangen moeten voorop staan, niet Brusselse dogma’s.”
BBB verzet zich tegen ideologisch en kostbaar klimaat- en diversiteitsbeleid, en wil alleen maatregelen nemen die haalbaar, betaalbaar en uitvoerbaar zijn. Dit onderscheidt zich van D66 (ambitieus klimaat- en diversiteitsbeleid) en FvD (klimaatontkenning, anti-diversiteit).
“We maken ons zorgen over de economische schade van ideologisch klimaatbeleid. Grote bedrijven vertrekken uit Nederland door hoge lasten en ondoordachte maatregelen, met banenverlies als gevolg. BBB wil bedrijven behouden voor Nederland en kiest voor verstandige, evenwichtige doelen. Want wie rood staat, kan niet groen doen.”
“BBB staat pal voor de vrijheid van ieder mens, maar kiest voor gerichte actie in plaats van symbolen. Doe maar gewoon, dan doe je al gek genoeg. BBB maakt zich zorgen over de doorgeschoten symboolpolitiek rond LHBTIQ+beleid.”
BBB benadrukt het belang van Nederlandse cultuur, tradities en regionale verschillen, en verzet zich tegen beleid dat deze ondermijnt. Dit is een duidelijk verschil met D66 (meer gericht op internationale oriëntatie en diversiteit) en FvD (nationalistisch, maar minder op regionale identiteit).
BBB wil internationale verdragen die de Nederlandse beleidsruimte beperken kritisch herzien, vooral op het gebied van migratie, asiel, klimaat en landbouw. Dit is minder radicaal dan FvD (die vaak volledige uittreding wil), maar veel kritischer dan D66.
“Nederland moet ook kritisch kijken naar internationale verdragen die onze beleidsruimte beperken. Vooral op het gebied van migratie, asiel, klimaat, stikstof, energie en landbouw.”
“Asielopvang mag alleen plaatsvinden op locaties waar voldoende draagvlak is bij de bevolking, zodat de samenleving betrokken en ondersteund blijft.”
JA21 positioneert zich als een conservatief-liberale partij die scherpe grenzen wil stellen aan migratie, de invloed van de EU wil beperken, en meer directe democratie (zoals referenda) nastreeft. In de context van de keuze tussen D66 (progressief, pro-EU, sociaal-liberaal) en FVD (radicaal-rechts, anti-EU, anti-migratie) profileert JA21 zich als een middenpositie: rechtser dan D66, maar gematigder en institutioneler dan FVD. De partij legt nadruk op nationale soevereiniteit, beperking van migratie, en behoud van Nederlandse identiteit, met concrete voorstellen voor minder EU-invloed en meer burgerzeggenschap.
JA21 onderscheidt zich door een harde lijn te trekken op migratie: sterke beperking van instroom, afdwingen van integratie, en bescherming van de Nederlandse cultuur. Dit is een duidelijk verschil met D66 (liberaal op migratie) en sluit qua toon meer aan bij FVD, maar met meer nadruk op uitvoerbaarheid en rechtszekerheid.
“Migratie moet sterk beperkt worden, en migranten die Nederland wel opneemt moeten integreren. JA21 wil dus scherpe grenzen stellen aan migratie, hiermee ruimte creëren op de woningmarkt, de Nederlandse cultuur beschermen, en wil integratie afdwingen.”
“JA21 herziet de knellende internationale verdragen en legt de soevereiniteit over onze grenzen weer waar hij hoort: bij ons Nederlandse parlement.”
JA21 wil de macht van de EU fors inperken en nationale zeggenschap herstellen, maar pleit niet voor een Nexit zoals FVD. Dit onderscheidt JA21 van D66 (sterk pro-EU) en positioneert de partij als kritisch maar pragmatisch ten opzichte van Europese samenwerking.
JA21 pleit voor meer directe democratie via bindende referenda, vooral over gevoelige thema’s als migratie en natuur. Dit is een verschil met D66 (voorstander van representatieve democratie, wel voor correctief referendum) en FVD (voorstander van directe democratie, maar radicaler in toon).
“JA21 wil invloed teruggeven aan de Nederlandse burger. Dat betekent dat burgers meer zeggenschap krijgen over grensbeleid, de totstandkoming van nieuwe wetten, en de manier waarop met (belasting)geld wordt omgegaan.”
“De Minister voor Overheidsefficiëntie en Autonomie dient ... te zorgen voor de organisatie van referenda over dossiers die al jaren om meer invloed van burgers vragen, zoals asiel, bevolkingsgroei, en de manier waarop wij omgaan met natuur in ons land.”
JA21 kiest voor een kleinere overheid, lagere lasten voor werkenden, en meer ruimte voor ondernemers. Dit is rechtser dan D66 (meer nadruk op duurzaamheid en publieke investeringen) en minder radicaal dan FVD (die vaak volledige afbraak van overheidsbemoeienis bepleit).
“Als brede conservatief-liberale partij ... kiezen wij voor een kleinere overheid, grootse plannen en een open blik, zonder de menselijke maat en ons gemeenschapsgevoel uit het oog te verliezen.”
“Nederland moet weer gaan verdienen. Dat vraagt een overheid die ondernemers de ruimte geeft, lasten voor werkenden zo laag mogelijk houdt en zich richt op economische groei.”
Volt onderscheidt zich duidelijk van zowel D66 als FvD door haar uitgesproken pro-Europese, federale visie, sterke nadruk op democratische vernieuwing en inclusiviteit, en het afwijzen van polarisatie en rechtsextremisme. Volt pleit voor een jongere, meer diverse en participatieve democratie, met concrete voorstellen als het verlagen van de stemgerechtigde leeftijd, het invoeren van burgerberaden en het uitbreiden van de Tweede Kamer. Hun kern is verbinding, Europese samenwerking en het tegengaan van verdeeldheid.
Volt kiest radicaal voor een federale Europese Unie, waar D66 gematigd pro-Europees is en FvD juist eurosceptisch. Volt wil het vetorecht afschaffen en een Europese grondwet invoeren, wat haaks staat op FvD’s anti-EU-standpunt.
“We gaan hervormen: er komt een Europese grondwet, waarin we de rechten van alle Europeanen vastleggen. We schaffen het vetorecht af, zodat nationale leiders hun eigenbelang niet meer boven het belang van ons allemaal kunnen stellen. De EU wordt een echte federale democratie.”
“Volt strijdt in Nederland voor een sterk, democratisch, federaal Europa. We roepen het kabinet op om met andere lidstaten een Europese grondwet te schrijven om de fundamenten te leggen van een nieuw Europa.”
Volt wil de democratie vernieuwen door jongeren meer invloed te geven en het parlement te vergroten, terwijl FvD juist pleit voor minder EU-invloed en behoud van traditionele structuren. D66 is voor vernieuwing, maar Volt gaat verder in concrete voorstellen.
“De stem van jongeren vergroten we door de stemgerechtigde leeftijd te verlagen van achttien naar zestien jaar.”
“We voeren een Derde Kamer voor jongeren in. De Derde Kamer krijgt een permanent raadgevend jongerenberaad.”
“We breiden de Tweede Kamer uit van 150 naar 250 zetels.”
Volt positioneert zich expliciet tegen polarisatie en rechtsextremisme, en kiest voor verbinding en inclusiviteit. Dit is een direct onderscheid met FvD, dat vaak als polariserend wordt gezien, en een sterker accent dan D66 legt.
“In Nederland zetten rechtsextremisme en polarisatie onze democratie onder druk. Waar andere partijen kiezen voor verdeeldheid, kiezen wij voor verbinding.”
Volt wil burgerberaden structureel inzetten en is tegen een bindend correctief referendum, terwijl FvD juist voor referenda is en D66 hier genuanceerder in staat.
“We richten het allereerste, nationale, permanente burgerberaad ter wereld op.”
“Volt is tegen een bindend correctief referendum, waarmee nieuwe wetten achteraf kunnen worden teruggedraaid.”
Het verkiezingsprogramma van 50PLUS richt zich primair op de belangen van ouderen en biedt weinig directe aanknopingspunten voor een vergelijking tussen D66 en FVD. De partij benadrukt vooral thema’s als AOW, pensioenen, ouderenzorg en een streng migratiebeleid, maar geeft geen expliciete analyse van de verschillen tussen D66 en FVD. Concrete beleidsvoorstellen zijn vooral gericht op inkomenszekerheid voor ouderen, behoud van de AOW, en beperking van migratie.
50PLUS positioneert zich als de partij die zich inzet voor de belangen van mensen in de leeftijdsfase 50-plus, met nadruk op inkomen, zorg en waardigheid. Dit is een fundamenteel andere focus dan zowel D66 (progressief, jonger, internationaal) als FVD (nationalistisch, conservatief, anti-establishment).
“We zijn een partij die zich met name richt op het leven van 50-plussers, 60-plussers en nóg ouderen, mensen in de derde levensfase.”
“50PLUS zal bij elk onderwerp steeds in de allereerste plaats kijken naar het belang van de huidige generatie ouderen en toekomstige generaties ouderen.”
50PLUS kiest voor een streng migratiebeleid, met nadruk op beperking van asiel, arbeids- en studiemigratie, en het afkopen van AOW-rechten bij vertrek. Dit is een standpunt dat dichter bij FVD ligt dan bij D66, dat juist bekend staat om een relatief ruimhartig migratiebeleid.
50PLUS pleit voor meer directe democratie en burgerinspraak, wat aansluit bij de wens tot meer invloed van burgers op beleid. Dit is een punt waar FVD zich ook sterk voor maakt, terwijl D66 meer inzet op representatieve democratie.
“Verder is meer inspraak van de burger van groot belang; wij pleiten voor directe democratie.”
50PLUS uit stevige kritiek op het huidige klimaatbeleid en pleit voor kernenergie, wat aansluit bij het standpunt van FVD en contrasteert met het groene beleid van D66.
Het CDA positioneert zich als een partij van het midden die nadruk legt op verantwoordelijkheid, fatsoen, en gemeenschapszin, en zich afzet tegen zowel populisme als politieke experimenten. In de context van de keuze tussen D66 (progressief, pro-EU, liberaal) en FvD (nationalistisch, EU-sceptisch, conservatief) benadrukt het CDA het belang van een sterke samenleving, een betrouwbare overheid, en samenwerking binnen Europa, met behoud van Nederlandse waarden en tradities. De partij kiest voor een fatsoenlijk land waarin saamhorigheid, respect en een sterke democratische rechtsstaat centraal staan.
Het CDA onderscheidt zich door zich expliciet af te zetten tegen populistische politiek en politieke experimenten, waarmee het zich positioneert tussen het progressieve D66 en het radicale FvD. Dit is relevant voor kiezers die twijfelen tussen deze uitersten.
“De afgelopen jaren hebben laten zien dat politieke experimenten en meebuigen met populistische politiek vooral nog meer chaos en spektakel opleveren. Maar de oplossingen en resultaten blijven uit.”
Het CDA legt sterk de nadruk op het belang van gemeenschap, saamhorigheid en het collectief, in tegenstelling tot het individualisme van sommige andere partijen. Dit is een belangrijk onderscheid met zowel het individualistische liberalisme van D66 als het nationalistische karakter van FvD.
“Het CDA kiest voor de samenleving. Zonder het ‘wij’ van de gemeenschap kan het ‘ik’ niet bestaan.”
Het CDA kiest duidelijk voor versterking van Europese samenwerking, vooral op het gebied van veiligheid en defensie, wat het onderscheidt van het EU-sceptische FvD en aansluit bij het pro-Europese D66, maar met meer nadruk op veiligheid en gezamenlijke besluitvorming.
“De veiligheidssituatie vraagt om meerderheidsbesluitvorming in het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid en het gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid van de EU.”
“Voor de veiligheid van Nederland en Europa investeren we in Defensie, zoals afgesproken bij de NAVO-top in Den Haag.”
Het CDA benadrukt het belang van een sterke, onafhankelijke rechtsstaat en het bestrijden van discriminatie, waarmee het zich onderscheidt van FvD (dat vaak kritisch is op de rechterlijke macht en minder nadruk legt op inclusiviteit) en aansluit bij D66.
“We treden hard op tegen elke vorm van discriminatie en stereotypering, onder meer van moslims. We zetten in op een stevige aanpak van discriminatie, zoals leeftijdsdiscriminatie van ouderen, migrantenkinderen die geen stageplaats kunnen krijgen, of discriminatie op basis van gender, religie, seksuele geaardheid of achternaam.”
Het CDA hecht waarde aan Nederlandse tradities en de vrijheid van onderwijs, wat het onderscheidt van het meer seculiere D66 en het radicaal-conservatieve FvD.
GroenLinks-PvdA benadrukt solidariteit, een eerlijke verdeling van welvaart, en het versterken van de democratische rechtsstaat als kern van hun visie. Ze kiezen expliciet voor progressieve, linkse oplossingen zoals hogere belastingen voor de rijksten, investeren in publieke voorzieningen, en het verdedigen van democratische waarden tegen extremen. Dit contrasteert sterk met de liberale koers van D66 en de nationalistische, anti-establishment benadering van FvD.
GroenLinks-PvdA wil de ongelijkheid aanpakken door de rijksten en grote bedrijven zwaarder te belasten en publieke voorzieningen te versterken. Dit staat haaks op het economisch liberalisme van D66 en de anti-herverdelingsretoriek van FvD.
“We maken een einde aan speciale belastingkortingen voor de rijkste Nederlanders en aandeelhouders van multinationals. Belastingontwijking pakken we aan. We zorgen ervoor dat werkenden juist meer overhouden van hun loon.”
“Ons uitgangspunt is daarbij altijd helder geweest: we vragen de sterkste schouders de zwaarste lasten te dragen.”
“Dat betekent een systeem zonder speciale kortingen en een eerlijke belasting op vermogen, winst en vervuiling.”
GroenLinks-PvdA positioneert zich als verdediger van de democratische rechtsstaat, vrije pers en gelijke rechten, en keert zich expliciet tegen extremisme. Dit is een duidelijk onderscheid met FvD, dat vaak kritisch is op het huidige systeem, en D66, dat weliswaar ook democratisch is, maar minder expliciet de strijd tegen extremen centraal stelt.
“Wij zullen onze vrijheid en democratie met kracht verdedigen tegen aanvallen van extremen. We versterken onze democratische rechtsstaat en kiezen voor een sterke rechtspraak, vrije pers en stevige democratische controle.”
“Het recht om te demonsteren behoort tot de kern van de democratie, ook wanneer dat botst met andere belangen.”
GroenLinks-PvdA kiest voor forse investeringen in publieke voorzieningen, infrastructuur en een nieuwe verzorgingsstaat, in tegenstelling tot de marktgerichte benadering van D66 en de anti-overheidsretoriek van FvD.
“Wij kiezen ervoor om de komende jaren te investeren in onze publieke voorzieningen, economie, infrastructuur en veiligheid.”
“De komende jaren willen we bouwen aan een Nieuwe Verzorgingsstaat, gericht op de kwaliteit van ons bestaan.”
De SP benadrukt dat het verschil tussen D66 en FvD fundamenteel is: D66 staat voor progressief, sociaal-liberale waarden en Europese samenwerking, terwijl FvD een nationalistische, conservatieve koers vaart met euroscepsis en sterke nadruk op nationale soevereiniteit. De SP positioneert zichzelf als alternatief door te pleiten voor radicale sociale gelijkheid, het bestrijden van tweedeling en het eerlijk verdelen van welvaart, en wijst zowel het liberale individualisme van D66 als het nationalisme van FvD af. Belangrijke voorstellen zijn het verhogen van belastingen op kapitaal, het versterken van publieke voorzieningen, en het tegengaan van discriminatie en verdeeldheid.
D66 wordt door de SP gezien als een partij die kiest voor het midden en neoliberale hervormingen, met een sterke nadruk op Europese samenwerking en individuele vrijheid. Dit contrasteert met FvD, dat juist eurosceptisch en nationalistisch is.
“De keuzes voor de komende verkiezingen zijn simpel. Wordt het weer ieder voor zich en het recht van de sterksten met VVD en PVV? Wordt het weer de afbraakpolitiek van de VVD met spijt van de PvdA zoals in Rutte II? Wordt het weer asociaal? Óf maken we Nederland sociaal?”
“Wij willen een sociaal Nederland.”
FvD wordt door de SP neergezet als een partij die verdeeldheid zaait, angst aanwakkert en tegen Europese samenwerking is. De SP verwerpt deze koers en pleit juist voor solidariteit en het tegengaan van discriminatie.
“Op dit moment worden er politieke spelletjes gespeeld met het volk van Nederland: politici jagen mensen angst aan voor landgenoten met een andere afkomst, geaardheid, geloof, woonplek, gender of huidskleur dan zijzelf. Daarmee leiden ze af van het feit dat juist deze politici zelf de problemen in het land veroorzaken, aanwakkeren of negeren.”
“We gaan tweedeling tegen en accepteren geen enkele vorm van discriminatie, door niemand. Discriminatie bestrijden we altijd en overal, op basis van klasse, kleur, gender, religie, seksuele voorkeur, leeftijd, woonplaats, beperking of wat ook.”
De SP onderscheidt zich van zowel D66 als FvD door te pleiten voor een radicale herverdeling van welvaart, hogere belastingen op kapitaal en het versterken van publieke voorzieningen. Dit is een fundamenteel ander uitgangspunt dan het marktdenken van D66 of het nationalisme van FvD.
“Wij willen zinnige investeringen doen die de problemen in Nederland oplossen, visie scheppen voor de toekomst en de ontspoorde ongelijkheid aanpakken.”
“Wij kiezen voor de belangen van de werkende klasse: de grote meerderheid van Nederland die hun inkomen verdient uit arbeid, uitkering of pensioen. Wij kiezen voor een einde aan armoede, want iedereen zou in welvaart moeten leven.”
“Daarom verhogen we de belasting voor het inkomen uit kapitaal naar het niveau van de inkomstenbelasting, voeren we een miljonairsbelasting in voor vermogens boven 5 miljoen euro en stoppen we met subsidies voor miljardairs.”
De ChristenUnie benadrukt het belang van een sterke democratische rechtsstaat, bescherming van minderheden en een transparante, sociale overheid. In tegenstelling tot partijen als D66 (progressief, pro-EU, liberaal) en FvD (nationalistisch, EU-sceptisch, populistisch), kiest de ChristenUnie voor een middenkoers met nadruk op christelijke waarden, sociale rechtvaardigheid, en behoud van democratische instituties. Hun voorstellen richten zich op bescherming van grondrechten, afwijzing van referenda, en het waarborgen van ruimte voor minderheden in het politieke systeem.
De ChristenUnie vindt het belangrijk dat ook kleine groepen politieke invloed kunnen uitoefenen en verzet zich tegen systemen die dit beperken, zoals een kiesdrempel of districtenstelsel. Dit onderscheidt hen van partijen die juist meer directe democratie of grotere meerderheidsmacht willen.
“Een kiesdrempel en districtenstelsel zorgen er bovendien voor dat het moeilijker wordt voor kleinere groepen in de samenleving om een eigen politieke inbreng te hebben. Wij geloven dat je de kracht van een samenleving kunt afmeten aan de ruimte die meerderheden geven aan minderheden.”
De ChristenUnie ziet referenda als schijninvloed en pleit voor versterking van de representatieve democratie, in tegenstelling tot partijen die meer directe invloed van burgers willen.
“Referenda bieden schijninvloed en horen dus niet thuis in de grondwet.”
De ChristenUnie wil dat rechters wetten aan de Grondwet kunnen toetsen, wat een versterking van de rechtsstaat betekent en een duidelijk verschil is met partijen die de rechterlijke macht willen beperken.
“Het verbod op constitutionele toetsing wordt afgeschaft zodat rechters wetten ook aan de grondwet kunnen toetsen.”
De partij benadrukt het belang van grondrechten voor iedereen, juist ook voor minderheden, en waarschuwt voor de druk op deze vrijheden.
“De vrijheid van godsdienst, vereniging, onderwijs en meningsuiting zijn belangrijke pijlers van de manier waarop we samenleven. Die mogen niet worden aangetast. Deze vrijheden gelden voor iedereen, juist ook voor minderheden.”
De ChristenUnie is voor Europese samenwerking, maar wil nationale soevereiniteit behouden op gevoelige terreinen. Dit onderscheidt hen van D66 (meer pro-EU) en FvD (anti-EU).
“Wij verzetten ons tegen Europese bemoeizucht op terreinen waar de EU geen mandaat heeft, zoals gezondheidszorg, medische ethiek, onderwijs of woningbouw.”
De ChristenUnie waarschuwt voor het verlies van democratische waarden door polarisatie en extremisme, en kiest voor een verbindende koers.
“We leven in een sterke democratische rechtsstaat en in een betrokken samenleving. Toch voelt onze manier van samenleven soms kwetsbaar. We kunnen het zomaar kwijtraken. Mensen en meningen lijken steeds scherper tegenover elkaar te staan.”
De SGP geeft geen direct antwoord op de vraag "ik twijfel tussen d66 en fvd wat zijn de grootste verschillen?", omdat hun programma zich richt op een eigen, christelijk-conservatief perspectief. Wel benadrukt de SGP duidelijke grenzen aan Europese integratie, een sterke nadruk op nationale soevereiniteit, en behoud van traditionele waarden, wat hen onderscheidt van zowel D66 (progressief, pro-EU) als FvD (nationalistisch, anti-EU). Hun concrete voorstellen richten zich op het versterken van defensie, het beperken van migratie, en het beschermen van het klassieke gezin.
De SGP verzet zich tegen verdere overdracht van bevoegdheden aan de EU en wil geen Europees leger, in tegenstelling tot D66 (pro-EU) en FvD (anti-EU, maar met andere motieven). De partij benadrukt dat Den Haag, niet Brussel, beslist over militaire inzet en samenwerking.
“De SGP wil echter geen Europees leger en vindt de nieuwe Europese Defensiecommissaris ongewenst. Niet Brussel, maar Den Haag blijft besluiten over het uitzenden van troepen.”
De SGP pleit voor duidelijke grenzen aan migratie en stelt eisen aan integratie, waarmee ze zich onderscheiden van D66 (ruimhartiger migratiebeleid) en FvD (strenger, maar met andere accenten).
“Grenzen aan migratie, eisen voor integratie”
De SGP legt sterk de nadruk op het beschermen van het ongeboren leven, het klassieke huwelijk en gezinswaarden, wat hen onderscheidt van zowel D66 (progressief, liberaal) als FvD (conservatief, maar seculier).
De SGP is expliciet kritisch op gender- en woke-ideologie, wat hen onderscheidt van D66 (progressief op deze thema’s) en FvD (kritisch, maar met andere argumentatie).