DENK verdedigt actief de vrijheid van godsdienst en de maatschappelijke rol van religie in Nederland. De partij wil wettelijke bescherming van religieuze uitingen, rechten en instellingen, en pleit voor gelijke behandeling van alle religies in onderwijs, openbare ruimte en wetgeving. Concrete voorstellen zijn onder meer het beschermen van religieus onderwijs, religieuze feestdagen, voedselvoorschriften, en het strafbaar stellen van ernstige belediging of schennis van religies.
DENK ziet religie als een waardevol onderdeel van de samenleving en wil dat de overheid religieuze instellingen met vertrouwen behandelt, zonder onnodige bemoeienis. De partij verdedigt het recht op religieus onderwijs, religieuze feestdagen, voedselvoorschriften en stilteruimtes, en wil discriminatie op basis van religie actief bestrijden.
“DENK koestert de rol die religie speelt in onze samenleving. Er moet meer erkenning komen voor de waardevolle bijdrage van religieuze gemeenschappen aan het maatschappelijk weefsel.”
“Religieuze instellingen worden met vertrouwen benaderd. Knellende regels die de maatschappelijke activiteiten van religieuze instellingen belemmeren worden afgeschaft en de overheidsbemoeizucht bij religieuze instellingen verdwijnt.”
“Volledig behoud van bijzonder en religieus onderwijs. DENK verdedigt zonder voorbehoud het recht op religieus en bijzonder onderwijs. Artikel 23 van de Grondwet blijft onaangetast.”
“Bescherming van religieuze voedselvoorschriften. De mogelijkheid om halal of koosjer vlees te eten blijft altijd gewaarborgd. De productie van vlees volgens religieuze richtlijnen wordt wettelijk beschermd.”
“Stilteruimtes in publieke instellingen. In gebouwen met een publieke functie en binnen het onderwijs worden stilteruimtes verplicht gesteld, zodat mensen hun geloof kunnen belijden of tot rust kunnen komen.”
“Erkenning van de diverse religieuze feestdagen. Naast de bestaande christelijke feestdagen moeten ook feestdagen van andere religies wettelijk erkend worden: Waaronder het Ramadanfeest (Eid ul-Fitr), Holi, Diwali, Jom Kipoer, Vaisakhi en het Offerfeest (Eid ul Adha).”
“Eeuwigdurende grafrust gegarandeerd. De overheid wijst betaalbare begraaflocaties aan waar graven niet worden geruimd en eeuwige grafrust gegarandeerd is.”
DENK wil dat de vrijheid van godsdienst niet wordt ondermijnd door belediging, discriminatie of haatzaaien. De partij pleit voor strafbaarstelling van ernstige belediging van religies en hun symbolen, bescherming van religieuze uitingen zoals de gebedsoproep, en het intrekken van wetten die religieuze vrijheid beperken.
“De vrijheid van meningsuiting is geen vrijbrief om een geloof en religieuze overtuigingen te besmeuren. DENK pleit voor actieve handhaving van het strafrecht om de vrijheid van godsdienst te beschermen. Dit omvat ook het verbieden van ernstige en onnodig grievende uitlatingen over religies, profeten of heilige teksten.”
“Het vernietigen, verbranden of verscheuren van de Bijbel, Thora, Koran, Veda’s of welke heilige geschriften dan ook, wordt strafbaar gesteld.”
“Betere bescherming van de gebedsoproep. Net zoals kerken hun klokken mogen luiden, wordt ook het recht op de islamitische gebedsoproep explicieter beschermd.”
“Islamofobe pestwetten worden per direct ingetrokken. Dit geldt bijvoorbeeld voor de wet die informeel onderwijs onder toezicht stelt, het niqaabverbod en de wet toezicht op maatschappelijke organisaties.”
DENK wil dat religieus onderwijs niet extra wordt gecontroleerd of beperkt en dat ouders inspraak houden over religieuze en morele opvoeding van hun kinderen. De partij verzet zich tegen discriminatie op basis van religie in alle maatschappelijke domeinen.
“Behoud en versterking van bijzonder onderwijs. DENK staat pal voor het behoud van artikel 23. Er worden geen extra belemmeringen opgeworpen om nieuwe scholen te stichten.”
“Geen controle op religieus onderwijs. De wet toezicht op informeel onderwijs wordt zo snel mogelijk ingetrokken.”
“Op elke school wordt aandacht besteed aan non-discriminatie en diversiteit. Scholen hebben binnen de wettelijke verplichtingen de vrijheid om dit zelf in te richten, rekening houdend met de wensen van de ouders.”
“Bij onderwijs over seksuele vorming wordt er meer rekening gehouden met de diversiteit aan opvattingen en overtuigingen in de samenleving.”
“Wij willen meer verlofmogelijkheden voor mensen bij belangrijke en ingrijpende levensgebeurtenissen. Hierbij denken wij aan een verruiming van de verlofmogelijkheden bij overlijden en de geboorte van een kind. Ook moeten er meer verlofmogelijkheden zijn bij religieuze feestdagen.”
De VVD benadrukt dat Nederland een seculier land is waar vrijheid van godsdienst geldt, maar stelt duidelijke grenzen aan religieuze uitingen in de publieke ruimte en aan religieuze invloed op onderwijs, integratie en financiering. De partij wil neutrale overheidsdiensten, transparantie en beperking van buitenlandse financiering van religieuze instellingen, en verbiedt religieuze dogma’s die botsen met Nederlandse waarden en wetgeving. Concrete voorstellen zijn onder meer een verbod op zichtbare religieuze symbolen bij politie, strengere eisen aan religieuze organisaties en scholen, en het opnemen van respect voor de rechtsstaat in de participatieverklaring voor nieuwkomers.
De VVD wil dat politie en buitengewone opsporingsambtenaren (boa’s) neutraal zijn en geen zichtbare religieuze symbolen dragen. Dit moet de neutraliteit van de overheid waarborgen en voorkomen dat religieuze uitingen het gezag of de onpartijdigheid van de politie ondermijnen.
“Wat de VVD betreft is Nederland een seculier land en hoort een uniform voor politieambtenaren en buitengewone opsporingsambtenaren neutraal te zijn, zonder zichtbare symbolen van geloofs- of levensovertuigingen.”
“Het in uniform actief deelnemen aan religieuze bijeenkomsten die zich niet verhouden tot de vrije en seculiere samenleving passen niet bij de neutraliteit die de politie en boa’s uit dienen te dragen.”
De VVD wil voorkomen dat buitenlandse overheden invloed uitoefenen via religieuze instellingen. Daarom moeten religieuze organisaties transparant zijn over hun financiering en mag maximaal 50% van hun inkomsten uit het buitenland komen. Dit moet de invloed van ondemocratische of extremistische stromingen tegengaan.
“Religieuze organisaties mogen in de toekomst niet voor meer dan 50% financieel afhankelijk zijn van buitenlandse overheden.”
“Religieuze en maatschappelijke instellingen zoals moskeeën en weekendscholen moeten transparant zijn over hun financiering en deze moet worden stopgezet als blijkt dat daarmee onze rechtsstaat wordt ondermijnd.”
De VVD stelt expliciet dat orthodoxe religieuze wetten, zoals de sharia, geen leidend uitgangspunt mogen zijn in Nederland. Nieuwkomers moeten verklaren de Nederlandse rechtsstaat en mensenrechten te respecteren, wat in de participatieverklaring wordt vastgelegd.
“Voor nieuwkomers die de shariawetgeving aanhangen is geen plek in Nederland: Wij willen dat nieuwkomers expliciet verklaren dat zij de Nederlandse rechtsstaat en de bijbehorende mensenrechten respecteren. Orthodoxe religieuze wetten, zoals de Sharia, mogen daarbij geen leidend uitgangspunt zijn.”
De VVD wil niet dat openbare scholen verplicht worden tot het inrichten van gebedsruimtes en wil gebedsoproepen verbieden als deze de openbare orde verstoren of integratie tegenwerken. Dit moet de neutraliteit van het onderwijs en de openbare ruimte beschermen.
“We staan niet toe dat openbare scholen verplicht worden tot het inrichten van een stilteruimte of een gebedsruimte. Dit staat haaks op de kern van ons openbaar onderwijs.”
“We willen regelen dat gebedsoproepen kunnen worden verboden als deze de openbare orde verstoren, integratie tegenwerken of niet...”
De VVD wil de wildgroei aan orthodoxe scholen stoppen, een strenge toets op tewerkstellingsvergunningen voor buitenlandse geestelijken, en snel ingrijpen bij informele onderwijsinstellingen die ondemocratische of discriminerende ideeën verspreiden.
“We stoppen de wildgroei aan nieuwe orthodoxe scholen door de Wet meer ruimte voor nieuwe scholen te schrappen.”
“Een strenge toets op tewerkstellingsvergunningen voor buitenlandse geestelijken.”
“De Wet toezicht informeel onderwijs, waarmee er streng kan worden ingegrepen bij informele onderwijsinstellingen die kinderen ondemocratische of discriminerende ideeën leren, wordt zo snel mogelijk behandeld.”
De VVD erkent het recht op vrijheid van religie, maar stelt dat deze vrijheid stopt waar de rechten van anderen of de Nederlandse rechtsstaat worden bedreigd. Religieuze dogma’s die emancipatie of gelijke rechten ondermijnen, worden niet getolereerd.
“We buigen niet voor kwalijke ideologieën en religieuze dogma’s die de emancipatie van LHBTIQ+’ers en vrouwen honderd jaar terug in de tijd duwen.”
“We trekken een grens als de vrijheid van geweten, religie of lichamelijke integriteit wordt bedreigd. Dan kijken we niet weg, maar treden hard op.”
De PVV neemt een uitgesproken kritische houding aan ten opzichte van de islam en islamitische uitingen in Nederland, en pleit voor het beperken van islamitische godsdienstvrijheid waar deze volgens de partij botst met Nederlandse waarden en wetten. De partij stelt concrete verboden voor op islamitische symbolen, rituelen en onderwijs, en wil de vrijheid van godsdienst beperken als het om de islam gaat. Andere religies worden nauwelijks genoemd; de focus ligt vrijwel uitsluitend op het terugdringen van islamitische invloed in het publieke domein.
De PVV wil islamitische uitingen in het openbaar en bij de overheid verbieden, omdat zij deze als strijdig met Nederlandse waarden en integratie beschouwt. Dit betreft onder meer kleding, taal, gebedsoproepen en religieuze eedaflegging.
“We voeren een algeheel boerkaverbod in”
“Verbod op de islamitische gebedsoproep”
“Verbod op het dragen van islamitische hoofddoekjes in alle overheidsgebouwen inclusief de Staten-Generaal”
“Verbod op het afleggen van de eed op Allah voor overheidspersoneel en militairen”
“Verbod op Arabische en andere niet-westerse teksten in onze (winkel)straten”
De PVV wil islamitisch onderwijs in Nederland verbieden, met als argument dat het islamitisch onderwijs niet verenigbaar is met de kernwaarden van de democratische rechtsstaat en daarom geen bescherming verdient onder de vrijheid van godsdienst of onderwijs.
“De PVV wil af van het islamitisch onderwijs In Nederland beschermt artikel 6 van de Grondwet de vrijheid van godsdienst, 'behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet' – en artikel 23 de vrijheid van onderwijs, 'behoudens het toezicht van de overheid'. Deze vrijheden zijn dus niet onbegrenst.”
“Daarom stelt de PVV dat islamitisch onderwijs geen bescherming verdient onder artikel 6 of 23 van onze Grondwet en moet worden verboden.”
JA21 benadrukt het belang van strikte scheiding tussen kerk en staat, het waarborgen van godsdienstvrijheid voor iedereen, en het tegengaan van religieuze uitingen in de publieke sfeer. De partij stelt zich kritisch op tegenover islamitisch onderwijs en religieuze symbolen bij overheidsfunctionarissen, en wil toezicht en debat over de positie van religie in het onderwijs en de samenleving.
JA21 wil een duidelijke scheiding tussen religie en overheid, waarbij religieuze bijeenkomsten en uitingen geen plaats hebben in de openbare ruimte of bij overheidsfunctionarissen. Dit standpunt is bedoeld om neutraliteit van de overheid te waarborgen en religieuze invloed op het publieke domein te beperken.
“Handhaving van de strikte scheiding tussen kerk en staat. Dus geen religieuze bijeenkomsten in de openbare ruimte en geen overheidsdienaren bij religieus gerelateerde bijeenkomsten.”
“Geen hoofddoekjes of andere religieuze uitingen bij politie, boa’s en andere overheidsdienaren die een publieke functie bekleden.”
JA21 erkent het recht op godsdienstvrijheid voor alle burgers, maar stelt dat deze vrijheid niet mag leiden tot ontwrichting van de samenleving of het opzetten van groepen tegen elkaar.
“Godsdienstvrijheid en de vrijheid van meningsuiting gelden voor iedereen. JA21 accepteert niet dat onze samenleving wordt ontwricht en wij accepteren ook niet dat groepen binnen de samenleving hierdoor tegen elkaar worden opgezet.”
De partij uit zorgen over de groei van islamitisch onderwijs en de mogelijke bijdrage aan segregatie en parallelle samenlevingen. JA21 pleit voor verscherpt toezicht, debat over de grondwettelijke positie van religieus onderwijs, en waarborging van democratische waarden.
“Verscherpt toezicht op islamitisch onderwijs.”
“JA21 vindt de sterke groei van het aantal islamitische basis- en middelbare scholen een onwenselijke ontwikkeling, want dat draagt bij aan segregatie en aan het ontstaan van parallelle samenlevingen. JA21 staat open voor een debat of in het huidige tijdsgewricht artikel 23 van de Grondwet met betrekking tot islamitisch onderwijs nog gehandhaafd kan blijven.”
“JA21 pleit voor een modernisering van artikel 23 GW waarbij eerbiediging van de waarden van de democratische rechtstaat zoals gelijkwaardigheid, vrijheid van geloof en meningsuiting en afwijzing van discriminatie, antisemitisme en haat wordt gewaarborgd.”
BVNL pleit voor een strikte scheiding tussen overheid en religie, waarbij de staat seculier is en religie geen invloed mag hebben op beleid, wetgeving of publieke ruimte. Concreet wil BVNL religieuze uitingen en activiteiten door de overheid en in de publieke ruimte beperken, en religieuze symbolen bij ambtenaren verbieden. Hun visie is dat de overheid neutraal en niet-religieus moet zijn, met nadruk op individuele vrijheid en minimale overheidsbemoeienis met godsdienst.
BVNL vindt dat de staat seculier moet zijn en dat religie geen rol mag spelen in overheidsbeleid, wetgeving of bestuur. Dit standpunt is bedoeld om neutraliteit te waarborgen en te voorkomen dat religieuze overtuigingen invloed uitoefenen op publieke zaken.
“BVNL wil dat de staat seculier is. Overheid en religie blijven strikt gescheiden, de overheid bemoeit zich niet met religieuze aangelegenheden en religieuze instellingen hebben geen invloed op het overheidsbeleid. Wetgeving, rechtspraak en bestuur worden gebaseerd op neutrale, niet-religieuze principes.”
BVNL wil religieuze diensten en uitingen, zoals de azan, uit de publieke ruimte weren en verbiedt overheidsdeelname aan religieuze activiteiten. Dit is bedoeld om de neutraliteit van de overheid te waarborgen en religieuze invloed in het publieke domein te minimaliseren.
BVNL wil dat politieagenten geen religieuze symbolen dragen tijdens hun werk, om de neutraliteit van de overheid te benadrukken.
“De politie is neutraal in haar uitingen, daarom kunnen agenten bijvoorbeeld geen hoofddoek, tulband of keppel dragen.”
BVNL stelt voor om salafisme en jihadisme in alle vormen te verbieden, vanuit de overtuiging dat deze stromingen een bedreiging vormen voor de Nederlandse samenleving en veiligheid.
“Salafisme en jihad - in alle vormen - moeten verboden worden in Nederland.”
De SGP beschouwt vrijheid van godsdienst als een fundamenteel recht dat actief beschermd moet worden, zowel nationaal als internationaal. De partij pleit voor het waarborgen van ruimte voor religieuze uitingen en activiteiten, en verzet zich tegen toezicht of beperkingen die deze vrijheid kunnen inperken. Concreet wil de SGP onder meer geen algemeen toezicht op religieus onderwijs, bescherming van religieuze minderheden, en expliciete inzet voor geloofsvrijheid in het buitenlandbeleid.
De SGP ziet vrijheid van godsdienst als een klassieke vrijheid die essentieel is voor de Nederlandse samenleving en haar geschiedenis. De partij vindt dat de overheid deze vrijheid zorgvuldig moet waarborgen en niet mag inperken door bijvoorbeeld toezicht op religieuze activiteiten of onderwijs. Dit standpunt adresseert het risico dat religieuze groepen worden beperkt in hun uitingsvrijheid en maatschappelijke rol.
“De overheid is geroepen om de klassieke vrijheden te waarborgen, zoals de vrijheid van godsdienst, meningsuiting en onderwijs.”
“Er komt dus geen algemeen toezicht op vormen van informeel onderwijs in onder andere kerken, scouting en sportverenigingen.”
“Veiligheid en vrijheid van godsdienst, van onderwijs en van meningsuiting mogen niet ondermijnd worden.”
De SGP wil dat Nederland zich internationaal inzet voor geloofsvrijheid, met speciale aandacht voor vervolgde christenen. Dit standpunt richt zich op het bestrijden van religieuze vervolging wereldwijd en het bevorderen van geloofsvrijheid als expliciet onderdeel van het Nederlandse buitenlandbeleid.
BBB benadrukt het belang van vrijheid van godsdienst, maar stelt duidelijke grenzen aan religieuze uitingen in de publieke ruimte en aan religieus onderwijs, vooral waar deze botsen met Nederlandse normen en waarden. De partij wil onder meer een verbod op versterkte gebedsoproepen, een stop op nieuwe islamitische scholen, en neutrale uniformen bij publieke diensten. BBB verdedigt de bescherming van religieuze minderheden, met name de Joodse gemeenschap, maar stelt dat religieuze vrijheid niet mag leiden tot radicalisering of het ondermijnen van de democratische rechtsstaat.
BBB wil religieuze uitingen in de openbare ruimte beperken en optreden tegen buitenlandse religieuze beïnvloeding, met name vanuit islamitische hoek. Dit wordt gemotiveerd door zorgen over integratie, radicalisering en anti-westerse opvattingen.
“We willen versterkte gebedsoproepen en groepsbidden in de openbare ruimte verbieden. Haatpredikers uit het buitenland ontzeggen we de toegang tot ons land.”
“Met het oog op de grote problemen bij islamitische scholen vanwege gebrekkige integratie, buitenlandse invloeden, onderwijskwaliteit, radicalisering en anti westerse opvattingen moet er een stop komen op nieuwe islamitische scholen.”
BBB verlangt neutraliteit van politie en andere publieke uniformdragers, wat betekent dat zichtbare religieuze uitingen niet zijn toegestaan. Dit is bedoeld om de overheid als onpartijdig en voor iedereen herkenbaar te houden.
“In de uitstraling van de politie en andere publieke uniformberoepen verwachten we een neutrale opstelling. Dat betekent dat er geen ruimte is voor zichtbare uitingen van politieke of religieuze overtuiging.”
BBB onderstreept het belang van bescherming van religieuze minderheden, met name Joodse Nederlanders, tegen antisemitisme en geweld. Dit wordt gezien als essentieel voor vrijheid en veiligheid in Nederland.
“Het beschermen van Joodse Nederlanders is urgenter dan ooit. Antisemitisme neemt in alarmerend tempo toe. Intimidatie, bedreiging en zelfs geweld tegen Joden zijn helaas weer realiteit geworden. BBB staat voor onze Joodse gemeenschap en vindt dat deze onvoorwaardelijk beschermd moet worden.”
BBB steunt de vrijheid van onderwijs, inclusief religieus onderwijs, maar wil deze vrijheid beperken als scholen antidemocratische of haatdragende denkbeelden verspreiden. Dit om te voorkomen dat religieuze vrijheid wordt misbruikt voor radicalisering.
“Scholen mogen niet de ruimte krijgen om antidemocratische of haatdragende denkbeelden te verspreiden. De overheid moet deze vrijheid beschermen en bewaken. De komende tijd wordt bezien of dit binnen de grenzen van artikel 23 kan. Indien dat niet zo blijkt te zijn, staat BBB open voor aanpassing om te voorkomen dat deze vrijheid onbedoeld bijdraagt aan radicalisering.”
Het CDA benadrukt het belang van godsdienstvrijheid en de maatschappelijke waarde van geloofsgemeenschappen, maar stelt duidelijke grenzen aan misbruik van deze vrijheid. Ze willen buitenlandse financiering van religieuze instellingen uit onvrije landen verbieden en transparantie eisen, en zetten zich internationaal in tegen geloofsvervolging.
Het CDA staat pal voor godsdienstvrijheid en erkent de positieve rol van geloofsgemeenschappen, maar keurt het af als deze vrijheid wordt gebruikt om haat of verdeeldheid te zaaien of parallelle samenlevingen te creëren. Ze willen misbruik van godsdienstvrijheid tegengaan door transparantie en regulering van buitenlandse financiering.
“We staan pal voor godsdienstvrijheid, we geloven in de kracht van saamhorigheid, maar keuren het af als die vrijheid wordt misbruikt om haat, verdeeldheid of parallelle samenlevingen te bevorderen.”
“We introduceren een wettelijke meldplicht voor buitenlandse giften aan stichtingen en religieuze instellingen, met verplichte publicatie van donateurs, bedragen en bestedingsdoelen.”
“We stellen een verbod in op buitenlandse financiering van maatschappelijke of religieuze instellingen uit landen die op de Freedom House-lijst als onvrij staan, tenzij volledige transparantie en toetsing vooraf plaatsvinden.”
Het CDA onderstreept dat kerken, moskeeën en andere geloofsgemeenschappen belangrijk zijn voor zingeving, verbondenheid en zorg, en vindt dat deze maatschappelijke waarde blijvende erkenning en ruimte verdient.
“Kerken, moskeeën en andere geloofsgemeenschappen vormen voor velen een bron van zingeving, verbondenheid en zorg voor elkaar. Deze maatschappelijke waarde verdient blijvend erkenning en ruimte.”
Het CDA wil internationaal actief blijven in de bescherming van geloofsvrijheid, met speciale aandacht voor de bestrijding van geloofsvervolging, vooral van christenen, en het beschermen van mensenrechten.
“Wij bouwen door aan een internationale coalitie tegen geloofsvervolging. Christenen vormen wereldwijd de meest vervolgde groep gelovigen. Het beschermen van mensenrechten, zoals geloofsvrijheid, vrijheid van meningsuiting en gelijke rechten voor vrouwen en LHBTQIA+’ers, moet prioriteit blijven.”
GroenLinks-PvdA staat voor gelijke behandeling en vrijheid van godsdienst, waarbij discriminatie op basis van geloof wordt bestreden en religieuze uitingen worden beschermd. Ze willen dat scholen en de politie inclusiever worden voor mensen van alle religies, en dat niemand wordt uitgesloten of benadeeld vanwege zijn of haar geloof. Concrete voorstellen zijn het verbod op het weigeren van leerlingen of leraren op basis van geloof en het afschaffen van het verbod op religieuze uitingen bij de politie.
GroenLinks-PvdA benadrukt het belang van gelijke rechten en het tegengaan van discriminatie op basis van godsdienst. Ze willen dat iedereen, ongeacht geloof, zichzelf kan zijn en gelijke kansen krijgt in de samenleving. Dit standpunt adresseert het probleem van uitsluiting en discriminatie van religieuze minderheden.
“We staan voor een land waarin je de vrijheid hebt om jezelf te zijn en gelijk behandeld wordt, ongeacht wie je bent, wat je gelooft of van wie je houdt.”
“En we strijden samen voor gelijke rechten, ongeacht wie je bent, wat je gelooft of van wie je houdt.”
De partij wil artikel 23 van de Grondwet moderniseren zodat scholen geen leerlingen of leraren meer mogen weigeren op basis van hun geloof. Dit voorstel is bedoeld om religieuze uitsluiting in het onderwijs tegen te gaan en gelijke toegang te waarborgen.
“Het wordt voor scholen verboden om kinderen of leraren te weigeren op basis van hun geloof of achtergrond.”
GroenLinks-PvdA wil het verbod op religieuze uitingen bij de politie afschaffen, zodat agenten bijvoorbeeld een hoofddoek of keppel mogen dragen. Dit moet bijdragen aan een politie die representatief is voor en toegankelijk is voor alle groepen in de samenleving.
“Het verbod op religieuze uitingen bij de politie schaffen we af en we versterken de interne netwerken zoals Roze in Blauw.”
De partij zet zich in voor de beveiliging van religieuze instellingen zoals moskeeën en het bestrijden van haat tegen religieuze groepen. Dit is gericht op het tegengaan van geweld en discriminatie tegen mensen vanwege hun geloof.
“Met meer politiecapaciteit beveiligen we Joodse instellingen en moskeeën.”
NSC erkent het belang van godsdienstvrijheid en de bescherming van religieuze minderheden, zowel nationaal als internationaal. De partij pleit voor een neutrale overheid, het verbod op zichtbare religieuze uitingen bij uniformen, en transparantie van religieuze instellingen, terwijl ze discriminatie op basis van godsdienst actief bestrijdt en de vrijheid van onderwijs met een levensbeschouwelijke grondslag waarborgt.
NSC wil wereldwijd opkomen voor godsdienstvrijheid en bescherming bieden aan religieuze minderheden, met speciale aandacht voor vervolging en mensenrechten. Dit wordt gekoppeld aan internationale samenwerking en het naleven van mensenrechten door handelspartners.
“We zetten ons in tegen vervolging van religieuze minderheden, zoals christenen en Yezidi’s. En we maken het mandaat van de Europese speciaal gezant voor godsdienstvrijheid permanent.”
De partij vindt dat de overheid neutraal moet zijn en dat dit zichtbaar moet zijn in woord en gedrag. Daarom wil NSC een verbod op zichtbare uitingen van geloofs- of levensovertuiging bij het dragen van een uniform.
“De overheid is neutraal en straalt dat uit in woord en gedrag. We zijn voor het verbod op zichtbare uitingen van geloofs- of levensovertuiging bij het dragen van een uniform.”
NSC beschouwt het verbod op discriminatie, waaronder op basis van godsdienst, als fundament van de rechtsstaat en wil alle vormen van discriminatie bestrijden.
“Het verbod op discriminatie (art. 1 van de Grondwet) is de basis van de democratische rechtsstaat en een waarborg voor menselijke waardigheid. Dit verbod heeft betrekking op ras, godsdienst en geslacht, maar ook op seksuele diversiteit. We bestrijden alle vormen van discriminatie...”
De partij erkent de vrijheid van ouders en scholen om een eigen levensbeschouwelijke grondslag te kiezen, zolang deze voldoet aan het reguliere curriculum en de wet. Misbruik van deze vrijheid wordt niet geaccepteerd.
“We erkennen de vrijheid van ouders en scholen om een eigen levensbeschouwelijke grondslag te kiezen als basis voor de opvoeding en vorming van kinderen. Hierbij moet worden voldaan aan het reguliere curriculum en aan de wet. De Onderwijsinspectie moet hierop kunnen toezien. We hechten aan artikel 23 van de Grondwet, maar de vrijheid van onderwijs mag niet worden misbruikt.”
NSC wil religieuze instellingen verplichten tot transparantie over hun financiering en stelt duidelijke grenzen aan praktijken die in strijd zijn met Nederlandse waarden en vrijheden.
“Religieuze instellingen worden verplicht om transparant te zijn over hoe ze worden gefinancierd. En we accepteren geen praktijken die haaks staan op onze waarden en vrijheden, zoals huwelijksdwang, genitale verminking, eerwraak, lijfstraffen binnen de opvoeding of polygamie.”
De ChristenUnie beschouwt vrijheid van godsdienst als een fundamenteel recht dat actief beschermd moet worden, zowel nationaal als internationaal. Ze pleiten voor een sterke inzet tegen christenvervolging wereldwijd en willen de positie van religieuze gemeenschappen in Nederland waarborgen, met speciale aandacht voor kerken als partners van de overheid.
De ChristenUnie ziet de vrijheid van godsdienst als een essentiële pijler van de samenleving en wil deze rechten voor iedereen, inclusief minderheden, waarborgen. Ze verzetten zich tegen elke aantasting van deze vrijheid en benadrukken het belang van klassieke grondrechten.
“De vrijheid van godsdienst, vereniging, onderwijs en meningsuiting zijn belangrijke pijlers van de manier waarop we samenleven. Die mogen niet worden aangetast. Deze vrijheden gelden voor iedereen, juist ook voor minderheden.”
De partij maakt van de bestrijding van christenvervolging een speerpunt in het buitenlandbeleid. Ze willen dat dit onderwerp structureel op de diplomatieke agenda staat, staatsbezoeken aan landen met christenvervolging vermijden, en een permanent mandaat voor een speciaal gezant voor godsdienstvrijheid instellen.
“Christenvervolging moet op alle mogelijke manieren aan de kaak worden gesteld en bestreden. Bij diplomatieke missies in landen met hevige christenvervolging is dit een vast onderwerp van gesprek.”
“Er komt een permanent mandaat voor de speciaal gezant voor godsdienstvrijheid in Nederland en de EU.”
De ChristenUnie erkent kerken en geloofsgemeenschappen als cruciale partners van de overheid, vooral in het bestrijden van armoede en sociale uitsluiting. Ze willen dat de overheid actief samenwerkt met deze groepen en praktische belemmeringen wegneemt.
“Kerken en geloofsgemeenschappen zijn volwaardige partners van de overheid. Ze spelen een cruciale rol in het ondersteunen van mensen in armoede en het voorkomen van eenzaamheid en sociale uitsluiting, juist op plekken waar de overheid vaak geen rol heeft.”
De Partij voor de Dieren staat voor volledige gelijkwaardigheid en bescherming van mensen, ongeacht hun godsdienst. Zij verwerpen elke vorm van discriminatie op basis van religie en nemen concrete maatregelen om de veiligheid van religieuze gemeenschappen te waarborgen. Het programma bevat voorstellen voor gelijke behandeling, bestrijding van discriminatie en specifieke bescherming van religieuze instellingen.
De PvdD benadrukt dat iedereen in Nederland gelijkwaardig behandeld moet worden, ongeacht welke godsdienst men aanhangt. Discriminatie op basis van religie wordt expliciet afgewezen en als even ernstig beschouwd als andere vormen van discriminatie. Dit standpunt is onderdeel van hun bredere visie op een rechtvaardige samenleving.
“Een samenleving waarin het niet uitmaakt waar je wieg heeft gestaan, wat je achternaam is, welke kleur je hebt of welke godsdienst je aanhangt.”
“De overheid treedt daadkrachtig op tegen alle vormen van discriminatie op basis van (vermeende) afkomst, etniciteit, seksuele geaardheid, gender, religie of levensovertuiging, handicap, leeftijd of politieke overtuiging.”
De partij stelt concrete maatregelen voor om de veiligheid van religieuze instellingen te waarborgen, met bijzondere aandacht voor moskeeën en islamitische ontmoetingscentra. Dit is een reactie op de toename van haat en geweld tegen religieuze minderheden.
“Moskeeën en islamitische ontmoetingscentra krijgen dezelfde beveiliging als andere religieuze instellingen, om de veiligheid van moslimgemeenschappen te waarborgen.”
De PvdD garandeert dat Nederland geen mensen terugstuurt naar landen waar zij vervolgd worden vanwege hun religie. Dit standpunt is onderdeel van hun asiel- en migratiebeleid en onderstreept het belang van bescherming van mensenrechten.
“Nederland tornt niet aan het VN-Vluchtelingenverdrag en stuurt dus geen mensen terug naar hun land van herkomst als zij daar worden vervolgd vanwege hun geaardheid, religie, politieke overtuiging of etnische afkomst.”
FVD noemt godsdienst nauwelijks expliciet in haar verkiezingsprogramma, maar spreekt zich wel concreet uit voor de bescherming van christenen in het buitenland en het behoud van vrijheid van onderwijs op religieuze grondslag. De partij benadrukt het belang van keuzevrijheid en bescherming van religieuze minderheden, maar doet geen brede uitspraken over godsdienstvrijheid of de rol van religie in Nederland.
FVD wil zich internationaal inzetten voor de bescherming van christelijke gemeenschappen, met name in regio’s waar zij onder druk staan. Dit standpunt adresseert de bedreigde positie van christenen wereldwijd en koppelt dit aan het recht op godsdienstvrijheid.
FVD verdedigt het recht op bijzonder onderwijs, waaronder scholen op religieuze grondslag, en wil artikel 23 van de Grondwet behouden. Dit waarborgt de vrijheid van onderwijs en het recht van religieuze groepen om eigen scholen te stichten en te besturen.
“Artikel 23 van de Grondwet moet behouden blijven, zodat bijzonder onderwijs de eigen identiteit kan bewaken en eigen”
De SP vindt het scheiden van kinderen op basis van godsdienst of levensbeschouwing in het onderwijs achterhaald en ongewenst. Zij pleiten voor openbare en inclusieve scholen waar afkomst, geloof of levensovertuiging geen drempel vormen, en willen daarom artikel 23 van de Grondwet moderniseren. De kern van hun visie is dat onderwijs verbindt en dat religieuze scheidslijnen in het onderwijs niet meer van deze tijd zijn.
De SP wil dat scholen geen kinderen meer scheiden op basis van godsdienst of levensbeschouwing, omdat dit niet past bij de huidige samenleving. Zij zien scholen als plekken waar kinderen samen opgroeien en pleiten voor inclusieve, openbare scholen. Dit standpunt is onderdeel van hun bredere visie op gelijkwaardigheid en verbinding in de samenleving.
“Scholen zijn dé plek waar kinderen samen opgroeien, van elkaar leren en een gezamenlijke toekomst opbouwen. De samenleving is niet meer verzuild. Leerlingen scheiden op basis van godsdienst of levensbeschouwing is daarom achterhaald en ongewenst.”
“Wij kiezen dan ook voor openbare en inclusieve scholen, waar afkomst, geloof of levensovertuiging geen drempel vormen.”
“We maken daarom een begin met de modernisering van artikel 23 van de grondwet.”
D66 staat voor volledige vrijheid van godsdienst en gelijke behandeling van mensen ongeacht hun geloof. De partij wil discriminatie en haat op basis van religie krachtig tegengaan en investeert in bescherming van religieuze gemeenschappen waar nodig.
D66 vindt dat iedereen in Nederland zichzelf moet kunnen zijn, ongeacht religie, en verzet zich tegen elke vorm van discriminatie of haat op basis van geloof. De partij wil dat gelijke behandeling wettelijk en praktisch wordt gegarandeerd.
“D66 wil alle vormen van uitsluiting, racisme en discriminatie doorbreken: of het nu gaat om afkomst of geloof (jodenhaat of moslimhaat)...”
D66 erkent dat haat en geweld tegen mensen vanwege hun geloof toenemen en wil dit actief bestrijden. De partij investeert in gespecialiseerde politie, training en extra beveiliging van religieuze instellingen zoals moskeeën en synagogen.
“Haat en geweld tegen mensen vanwege hun geloof, afkomst, seksuele oriëntatie of genderidentiteit neemt toe. Dat moet stoppen. We investeren in gespecialiseerde rechercheurs, betere training bij de politie en diversiteitsnetwerken, zoals Roze in Blauw, het Joods Politienetwerk en het Landelijk Caribisch Netwerk. We nemen extra beveiligingsmaatregelen waar dat nodig is, zoals bij moskeeën en synagogen.”
Volt staat voor gelijke behandeling van alle religies en is tegen discriminatie op basis van godsdienst. Het belangrijkste concrete voorstel is het stoppen met de financiering van religieus onderwijs, zodat kinderen van verschillende geloofsovertuigingen elkaar ontmoeten en van elkaar leren; daarnaast verzet Volt zich tegen een verbod op religieuze uitingen zoals de hoofddoek bij overheidsfuncties.
Volt wil dat de overheid geen religieus onderwijs meer financiert, omdat dit volgens hen segregatie in de hand werkt en ontmoeting tussen kinderen van verschillende geloofsovertuigingen belemmert. Door het bekostigen van scholen die één of meerdere geloofsovertuigingen uitdragen te stoppen, wil Volt bijdragen aan een open samenleving waarin kinderen van elkaar leren. Hiervoor is een grondwetswijziging nodig.
“We houden op met het financieren van religieus onderwijs. Voor een open samenleving is het nodig dat kinderen uit alle geloofsovertuigingen elkaar al op school kunnen leren kennen. Door te stoppen met het bekostigen van scholen die één of meerdere geloofsovertuigingen uitdragen, zullen kinderen met verschillende wereldbeschouwingen elkaar eerder ontmoeten en van elkaar leren. Voor het realiseren van dit voorstel is aanpassing van artikel 23 van de Grondwet nodig.”
Volt is tegen een verbod op het dragen van religieuze uitingen, zoals de hoofddoek, voor politieagenten en andere overheidsmedewerkers. Dit standpunt is onderdeel van hun bredere inzet tegen discriminatie op basis van religie en voor gelijke behandeling van iedereen, ongeacht geloof.
“Volt is om die reden tegen het verbod op het dragen van een hoofddoek of andere religieuze uitingen voor politieagenten en andere mensen die bij de overheid werken.”
Niet expliciet genoemd in verkiezingsprogramma
Niet expliciet genoemd in verkiezingsprogramma